zenden – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of zenden

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: zenden
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: zendend
Past participle - Verleden deelwoord: gezonden

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikzend
jijzendt
hijzendt
wijzenden
julliezenden
zijzenden

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gezonden
jijhebt gezonden
hijheeft gezonden
wijhebben gezonden
julliehebben gezonden
zijhebben gezonden

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikzond
jijzond
hijzond
wijzonden
julliezonden
zijzonden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gezonden
jijhad gezonden
hijhad gezonden
wijhadden gezonden
julliehadden gezonden
zijhadden gezonden

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal zenden
jijzult zenden
hijzal zenden
wijzullen zenden
julliezullen zenden
zijzullen zenden

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gezonden hebben
jijzult gezonden hebben
hijzal gezonden hebben
wijzullen gezonden hebben
julliezullen gezonden hebben
zijzullen gezonden hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou zenden
jijzou zenden
hijzou zenden
wijzouden zenden
julliezouden zenden
zijzouden zenden

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gezonden hebben
jijzou gezonden hebben
hijzou gezonden hebben
wijzouden gezonden hebben
julliezouden gezonden hebben
zijzouden gezonden hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijzend

Translations

  • send, make something go somewhere
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    doorseinen
    overseinen, uitzenden

    Sample Sentences

    • [...] van het volk, geknield hunne gebeden opzeggen en zich voorbereiden op een graf in den oceaan. Midden in den nacht, en bij al onzen nood, riep een van het volk, die hierom naar omlaag was gezonden, dat wij een lek hadden; een ander zeide, dat er vier voet water in het ruim stond. Daarop werd iedereen aan de pompen geroepen. Bij dit woord ontzonk mij het hart, en ik viel achterover, van den [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] dat het schip drijvende kon blijven, totdat wij eene haven konden bereiken. De kapitein bleef derhalve noodseinen doen, en een klein schip, dat voor ons had gelegen, waagde het ons eene boot toe te zenden. Met het grootste gevaar naderde deze ons, maar het was ons onmogelijk er in te gaan, en voor de boot, bij ons op zijde te komen liggen; tot eindelijk het volk zoo hard roeide, dat zij met [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] was, met de scheepspinas op de reede visschen. Hij nam dan altijd mij en een jongen Moor mede om te roeijen; wij trachtten dan hem te vermaken, en daar ik behendig en gelukkig in het visschen was, zond hij mij somtijds, als hij visch verlangde, met een zijner bloedverwanten en den knaap op de vischvangst uit. (Robinson Crusoe)
    • [...] dag zou ik er mede uitgaan, hetzij om te visschen of alleen tot vermaak, met twee of drie Mooren van eenigen rang. Hij had derhalve den vorigen avond veel meer mondbehoeften dan gewoonlijk aan boord gezonden, en mij gelast drie geweren met kruid en lood, die aan boord van het schip waren, gereed te leggen, om tevens eenig gevogelte te kunnen schieten. (Robinson Crusoe)
    • [...] was, en gevuld moest worden. Zij riepen dadelijk eenigen hunner, en twee vrouwen kwamen met eene groote pot, van klei gemaakt en in de zon gedroogd, naar ik denk; deze plaatsten zij voor mij, en ik zond Xury met mijne kruiken aan het strand, die ze daaruit vulde. De vrouwen waren zoo wel naakt als de mannen. (Robinson Crusoe)
    • [...] en opregten raad: " Senhor Inglese (want zoo noemde hij mij altijd ) als gij mij brieven en een volmagt geven wilt, met last aan den persoon, die in Londen uw geld heeft, van dit naar Lissabon te zenden, aan zoodanige lieden als ik u zal opgeven, en in goederen, die in dit land aftrek hebben, dan zal ik u, als het God behaagt, deze bij mijne terugkomst medebrengen; maar daar alle zaken aan [...] (Robinson Crusoe)
    • De koopman te Londen besteedde deze 100 [ £ ] aan Engelsche goederen, gelijk de kapitein opgegeven had, en zond die naar Lissabon, vanwaar hij ze allen behouden in Brazilië bragt. Hieronder had hij buiten mijn weten, (want ik was te onervaren in mijne zaken om er aan te denken ) gezorgd voor alle soorten van [...] (Robinson Crusoe)
    • Toen deze lading aankwam, achtte ik mijne fortuin gemaakt. Ik was verrukt van vreugde er over; en mijn goede vriend de kapitein had de 5 [ £ ] Sterl., die de weduwe hem tot een geschenk had gezonden, besteed, om voor mij een dienstknecht, die zich voor zes jaren verbonden had, aan te schaffen; en hij wilde niets van mij aannemen dan een weinig tabak, omdat ik dien zelf geteeld had. (Robinson Crusoe)
    • [...] gevoelt als men zoo, als het ware uit het graf zelf gered wordt, en het verwondert mij thans niet meer, dat men gewoon is, als een ter dood veroordeelde genade ontvangt, tevens een heelmeester te zenden, om hem ader te laten zoodra hij het verneemt, ten einde de verrassing hem niet zou dooden. (Robinson Crusoe)
    • [...] zeide; vervolgens beschutting voor de zon, benevens veiligheid voor vijanden, hetzij menschen of dieren, en eindelijk het gezigt op de zee; opdat, als het God behaagde, eenig schip in het gezigt te zenden, ik geene gelegenheid mogt verzuimen tot mijne bevrijding, waarop ik nog niet alle hoop opgegeven had. (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch senden, from Old Dutch senden, from Proto-West Germanic *sandijan, from Proto-Germanic *sandijaną. The original past tense was weak with Rückumlaut, thus sande or (through apocope) sant. Based on this latter form the verb then joined the strong class of Middle Dutch vinden, vant, gevonden etc. See: Proto-Germanic '*sandijaną'.

    Verbs referencing "zenden"

    English send, Old English sendan, German, old spelling senden.

    Additional Information