trekken – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of trekken

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: trekken
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: trekkend
Past participle - Verleden deelwoord: getrokken

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

iktrek
jijtrekt
hijtrekt
wijtrekken
jullietrekken
zijtrekken

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb getrokken
jijhebt getrokken
hijheeft getrokken
wijhebben getrokken
julliehebben getrokken
zijhebben getrokken

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

iktrok
jijtrok
hijtrok
wijtrokken
jullietrokken
zijtrokken

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad getrokken
jijhad getrokken
hijhad getrokken
wijhadden getrokken
julliehadden getrokken
zijhadden getrokken

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal trekken
jijzult trekken
hijzal trekken
wijzullen trekken
julliezullen trekken
zijzullen trekken

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal getrokken hebben
jijzult getrokken hebben
hijzal getrokken hebben
wijzullen getrokken hebben
julliezullen getrokken hebben
zijzullen getrokken hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou trekken
jijzou trekken
hijzou trekken
wijzouden trekken
julliezouden trekken
zijzouden trekken

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou getrokken hebben
jijzou getrokken hebben
hijzou getrokken hebben
wijzouden getrokken hebben
julliezouden getrokken hebben
zijzouden getrokken hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijtrek

Translations

  • attract, arouse interest
  • draw, to pull out, unsheath
  • draw, to determine the result of a lottery
  • drift, to deviate gently from the intended direction of travel
  • journey, to travel, to make a trip or voyage
  • pull, transitive: apply force to (something) so it comes towards one
  • tug, to pull with great effort
  • tweak, to pinch and pull with a sudden jerk and twist; to twitch
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    migreren
    reizen, rondtrekken, zwerven
    extraheren
    uittrekken
    aanlokken
    aantrekken, lokken
    krijgen
    ontvangen
    halen
    meetrekken, rukken, slepen, sleuren

    Antonyms

    halen
    brengen, aangeven, aanreiken

    Sample Sentences

    • [...] het gebied van den Marokkaanschen keizer en het land der Negers ligt, en woest en alleen door wilde dieren bewoond is; daar de Negers haar verlaten hebben, en uit vrees voor de Mooren zuidelijker getrokken zijn; terwijl de laatsten haar om hare barheid niet willen bewonen; en er slechts komen om er groote jagten, met twee- tot drieduizend man, te houden. Ook zagen wij bij dag niets dan een dor [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] weten, (want ik was te onervaren in mijne zaken om er aan te denken ) gezorgd voor alle soorten van ijzerwerk en gereedschappen, die mij op mijne plantaadje noodig waren, en waar ik groot nut van trok. (Robinson Crusoe)
    • Gelijk echter misbruikte voorspoed dikwijls de oorzaak van onzen tegenspoed is, zoo ging het ook met mij. Het volgende jaar ging het met mijne plantaadje zeer goed; ik trok van mijn eigen grond vijftig groote rollen tabak, ieder van meer dan 100 [ lb = gewicht ], en deze vijftig rollen werden gepakt en bleven liggen, in afwachting, dat de vloot van Lissabon zou [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] Ik besloot deze te gebruiken, en werkte er zooveel over boord als hare zwaarte dit toeliet, na aan ieder een touw gebonden te hebben, voor het wegdrijven. Nadat dit gedaan was, ging ik over boord, trok ze naar mij toe, en bond er zoo goed ik kon vier van aan beide einden vast, in den vorm van een vlot, en na er twee of drie korte planken kruiselings over gelegd te hebben, vond ik, dat ik er vrij [...] (Robinson Crusoe)
    • Alvorens ik mijne tent opsloeg, trok ik voor de uitholling een halven cirkel, die van de rots tot aan het einde, tien ellen wijd, en van het eene einde tot het andere twintig ellen in doorsnede had. In dezen halven cirkel sloeg ik twee [...] (Robinson Crusoe)
    • Te dien tijd legde ik hier een grooten hoop druiven, en op eene andere plaats een kleineren, en een grooten voorraad limmetjes op eene derde, en trok met eenigen van elk naar huis, en besloot met een mand of zak terug te keeren, om het overige naar huis te brengen. Ik kwam dus te huis, na drie dagen uit geweest te zijn, maar voor dien tijd waren [...] (Robinson Crusoe)
    • Ik heb reeds gezegd, dat ik zeer verlangde het geheele eiland te zien, en dat ik langs de beek getrokken was en zoo verder tot waar ik mijn buitenverblijf aanlegde; en vanwaar ik de zee had kunnen zien, aan de andere zijde van het eiland. Ik besloot nu aan dien kant dwars door te steken tot aan den [...] (Robinson Crusoe)
    • Bovendien besloot ik, dat als dit land de Spaansche kust was, ik zeker den een of anderen tijd, eenig vaartuig her- of derwaarts zou zien trekken; maar zoo niet, dan was het de woeste kust tusschen de Spaansche landen en Brazilië; waar de ergste wilden wonen; want het zijn kannibalen of menscheneters, die alle menschen, welke hun in handen [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] dan de mijne was, had ik toch niet den minsten lust daarheen te verhuizen; want ik was thans in mijne woning te huis, en het scheen mij toe alsof ik thans op reis was en van mijn huis af. Ik trok echter langs de zeekust, naar gissing twaalf (Eng. ) mijlen, en zette daar een grooten staak op het strand tot eene baak; waarna ik besloot naar huis te keeren, en de volgende maal een togt te doen, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] eiland te zien, waar ik bij mijn laatste reis op den heuvel klom, om te zien hoe het strand en de strooming liep. Alle dagen werd dit verlangen sterker, en eindelijk besloot ik te land daarheen te trekken, en ik deed dit langs het strand. Maar zoo iemand in Engeland een mensch ontmoet had, zoo uitgerust als ik, zou hij doodelijk verschrikt, of in lagchen uitgebarsten zijn. Ik lachte dikwijls als ik [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch trecken, from Old Dutch *trecken, from Proto-West Germanic *trakkjan, from Proto-Germanic *trakjaną (“to drag”). See: Proto-Germanic '*trakjaną'.

    Verbs referencing "trekken"

    English trek, Afrikaans trek, English trigger, Danish trekke, Danish trække, Low Saxon trecken, Papiamento trèk.

    Additional Information