Nominal Forms
Infinitive - Onbepaalde wijs: varen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: varend
Past participle - Verleden deelwoord: gevaren
Cognates
-
Indicative - Aantonende wijs
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]
| ik | vaar |
| jij | vaart |
| hij | vaart |
| wij | varen |
| jullie | varen |
| zij | varen |
Present Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]
| ik | heb gevaren |
| jij | hebt gevaren |
| hij | heeft gevaren |
| wij | hebben gevaren |
| jullie | hebben gevaren |
| zij | hebben gevaren |
Past
Onvoltooid verleden tijd [o v t]
| ik | voer |
| jij | voer |
| hij | voer |
| wij | voeren |
| jullie | voeren |
| zij | voeren |
Past Perfect
Voltooid verleden tijd [v v t]
| ik | had gevaren |
| jij | had gevaren |
| hij | had gevaren |
| wij | hadden gevaren |
| jullie | hadden gevaren |
| zij | hadden gevaren |
Future
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]
| ik | zal varen |
| jij | zult varen |
| hij | zal varen |
| wij | zullen varen |
| jullie | zullen varen |
| zij | zullen varen |
Future Perfect
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]
| ik | zal gevaren hebben |
| jij | zult gevaren hebben |
| hij | zal gevaren hebben |
| wij | zullen gevaren hebben |
| jullie | zullen gevaren hebben |
| zij | zullen gevaren hebben |
Conditional
Imperfect
Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]
| ik | zou varen |
| jij | zou varen |
| hij | zou varen |
| wij | zouden varen |
| jullie | zouden varen |
| zij | zouden varen |
Perfect
Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]
| ik | zou gevaren hebben |
| jij | zou gevaren hebben |
| hij | zou gevaren hebben |
| wij | zouden gevaren hebben |
| jullie | zouden gevaren hebben |
| zij | zouden gevaren hebben |
Imperative - Gebiedende wijs
Verbs conjugated like 'varen'
aandragen,
afdragen,
bedragen,
bevaren,
bijdragen,
dragen,
ervaren,
gedragen,
opdragen,
overdragen,
varen,
verdragen,
voordragen,
Verbs similar to 'varen'
veren,
aaien,
baden,
banen,
baten,
bevaren,
dalen,
deren,
duren,
eren,
Sample Sentences
-
[...] familie, die daar echter niet inheemsch was. Mijn vader was van Bremen afkomstig en had zich eerst te Hull gevestigd. Na in den koophandel eene tamelijke fortuin verworven te hebben, liet hij dien varen en ging te York wonen, waar hij met mijne moeder trouwde, die tot eene deftige oude familie, Robinson genaamd, aldaar behoorde. Naar deze ontving ik den naam van Robinson Kreutznaer; maar door eene [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] zooveel onderrigt verschaft als hij kon, zoowel door zijne lessen te huis als door mij op eene school te laten gaan. Hij had mij tot een regtsgeleerde bestemd, maar ik dacht alleen aan ter zee te varen; en deze neiging maakte mij zoo doof voor de wenschen, zelfs voor de bevelen mijns vaders, en al het smeeken en afraden mijner moeder en mijner bloedverwanten, dat het scheen alsof hierin een zeker [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] of acht dagen. Verscheidene groote schepen van New-Castle bleven daar om dezelfde reden als wij liggen. De wind, die eerst stevig, en vervolgens allerhevigst was, verhinderde ons den Teems op te varen;
(Robinson Crusoe)
-
[...] bijaldien ik na een zoo lang tijdverloop, de denkbeelden, die mij toen bezig hielden, mij nog kan te binnen brengen, dunkt mij, dat mijn vorig berouw en de verstoktheid, waarmede ik dit had laten varen, mij tienmaal meer kwelling veroorzaakten, dan het naderen van den dood; deze denkbeelden, gevoegd bij het woeden van den storm, bragten mij in een toestand, die niet door woorden kan beschreven [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] en onverstandig de mensch, bijzonder de jeugd, is, namelijk, dat zij meer schaamte over het berouw dan over hare misstappen gevoelt, en dat zij niet over hare dwaasheden bloost, maar wel zoo zij die varen laat.
(Robinson Crusoe)
-
[...] weg ik zou inslaan. Ik gevoelde grooten weerzin in naar huis terug te keeren, en naar gelang het geheugen mijner tegenspoeden verflaauwde, vermeerderde deze, tot ik eindelijk alle denkbeeld daaraan varen liet, en ik aan boord ging van een schip, dat naar de Afrikaansche, of gelijk men gewoonlijk zegt, naar de Goudkust, bestemd was.
(Robinson Crusoe)
-
[...] om alles er uit te halen wat mij van nut kon zijn; en dat er inderdaad weinig in overgebleven was, wat ik nog aan wal had kunnen brengen, als ik er den tijd toe gehad had. Ik liet nu alle gedachten varen aan het schip en wat er in was, behalve aan hetgeen nog van het wrak op de kust mogt aanspoelen, gelijk inderdaad met verscheidene stukken het geval was, die echter voor mij van weinig nut waren.
(Robinson Crusoe)
-
[...] der Voorzienigheid erkende; welke ik thans begon te erkennen en te gelooven, dat alles ten beste schikte. Hiermede stelde ik mij tevreden, en het alle vruchtelooze wenschen, dat ik daar wezen mogt, varen.
(Robinson Crusoe)
-
Maar toen ik dit gedaan had, kon ik haar evenmin verwrikken, of er onder komen, laat staan haar te water brengen; dus moest ik dit opgeven; schoon ik echter alle hoop op de boot varen liet, groeide mijne begeerte, om naar het vaste land over te steken, steeds aan, naar gelang de middelen daartoe onmogelijker schenen.
(Robinson Crusoe)
-
[...] zijde geweest, en mijne op dien togt gemaakte ontdekkingen maakten mij zeer verlangend ook de andere deelen der kust te zien, en nu ik eene boot had, maalde het denkbeeld van het eiland rond te varen, mij den geheelen dag door het hoofd.
(Robinson Crusoe)
Etymology
From Middle Dutch vāren (“to go, travel”), from Old Dutch faran, from Proto-West Germanic *faran, from Proto-Germanic *faraną. The restriction to “travel by water” comes (expectably) from the western dialects; the more general sense survives in the east, but is no longer part of standard Dutch. See: Proto-Germanic '
*faraną'.
Verbs referencing "varen"
English
fare, German, old spelling
fahren, Luxembourgish
fueren, Alemannic German
faare, Hunsrik
faare, German, Pennsylvania
faahre.
Additional Information
Spelevaren is regelmatig