believen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of believen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: believen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: believend
Past participle - Verleden deelwoord: beliefd

Cognates

See the 2 cognates of believen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbelief
jijbelieft
hijbelieft
wijbelieven
julliebelieven
zijbelieven

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb beliefd
jijhebt beliefd
hijheeft beliefd
wijhebben beliefd
julliehebben beliefd
zijhebben beliefd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbeliefde
jijbeliefde
hijbeliefde
wijbeliefden
julliebeliefden
zijbeliefden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad beliefd
jijhad beliefd
hijhad beliefd
wijhadden beliefd
julliehadden beliefd
zijhadden beliefd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal believen
jijzult believen
hijzal believen
wijzullen believen
julliezullen believen
zijzullen believen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal beliefd hebben
jijzult beliefd hebben
hijzal beliefd hebben
wijzullen beliefd hebben
julliezullen beliefd hebben
zijzullen beliefd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou believen
jijzou believen
hijzou believen
wijzouden believen
julliezouden believen
zijzouden believen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou beliefd hebben
jijzou beliefd hebben
hijzou beliefd hebben
wijzouden beliefd hebben
julliezouden beliefd hebben
zijzouden beliefd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbelief

Verbs conjugated like 'believen'

aanrijven, aanschroeven, aanwuiven, afproeven, afrijven, afschroeven, aftroeven, afverven, bedroeven, behoeven, believen, dalven, derven, dieven, erven, fuiven, garven, gerieven, golven, hoeven, etc. (List truncated at 20 verbs)

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

  • [...] bedwingen. Maar Vrijdag had nog niet met hem gedaan; toen hij zag, dat hij stil stond, riep hij hem weder toe, alsof het beest hem verstaan kon: " Kom wat nader, vriend; kom wat nader als het u belieft ! " Daarop bleef hij stil zitten, waarop de beer wat verder vooruit kwam, toen begon hij weder te springen, en de beer bleef stokstijf staan. Wij dachten, dat het nu een geschikt tijdstip was, om [...] (Robinson Crusoe)

Etymology

From Middle Dutch believen. Equivalent to be- + lieven.

Verbs referencing "believen"

English belove.

Additional Information