hijsen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of hijsen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: hijsen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: hijsend
Past participle - Verleden deelwoord: gehesen

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikhijs
jijhijst
hijhijst
wijhijsen
julliehijsen
zijhijsen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gehesen
jijhebt gehesen
hijheeft gehesen
wijhebben gehesen
julliehebben gehesen
zijhebben gehesen

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikhees
jijhees
hijhees
wijhesen
julliehesen
zijhesen

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gehesen
jijhad gehesen
hijhad gehesen
wijhadden gehesen
julliehadden gehesen
zijhadden gehesen

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal hijsen
jijzult hijsen
hijzal hijsen
wijzullen hijsen
julliezullen hijsen
zijzullen hijsen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gehesen hebben
jijzult gehesen hebben
hijzal gehesen hebben
wijzullen gehesen hebben
julliezullen gehesen hebben
zijzullen gehesen hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou hijsen
jijzou hijsen
hijzou hijsen
wijzouden hijsen
julliezouden hijsen
zijzouden hijsen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gehesen hebben
jijzou gehesen hebben
hijzou gehesen hebben
wijzouden gehesen hebben
julliezouden gehesen hebben
zijzouden gehesen hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijhijs

Translations

  • deadlift, to lift
  • heave, to lift
  • heft, to lift
  • hoist, transitive: to raise; to lift; to elevate
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    ophijsen
    takelen
    drinken
    zuipen

    Sample Sentences

    Etymology

    1. From late Middle Dutch hisen, hischen. Further etymology uncertain, but possibly imitative.
    2. Related to Middle Low German hissen, German hissen. See: German, old spelling 'hissen'.

    Verbs referencing "hijsen"

    English hoist, English hoise, English heeze, Swedish hissa, German, old spelling hissen, Norwegian heise, Danish hejse.

    Additional Information