teruggeven – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of teruggeven

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: teruggeven
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: teruggevend
Past participle - Verleden deelwoord: teruggegeven

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikgeef terug
jijgeeft terug
hijgeeft terug
wijgeven terug
julliegeven terug
zijgeven terug

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb teruggegeven
jijhebt teruggegeven
hijheeft teruggegeven
wijhebben teruggegeven
julliehebben teruggegeven
zijhebben teruggegeven

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikgaf terug
jijgaf terug
hijgaf terug
wijgaven terug
julliegaven terug
zijgaven terug

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad teruggegeven
jijhad teruggegeven
hijhad teruggegeven
wijhadden teruggegeven
julliehadden teruggegeven
zijhadden teruggegeven

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal teruggeven
jijzult teruggeven
hijzal teruggeven
wijzullen teruggeven
julliezullen teruggeven
zijzullen teruggeven

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal teruggegeven hebben
jijzult teruggegeven hebben
hijzal teruggegeven hebben
wijzullen teruggegeven hebben
julliezullen teruggegeven hebben
zijzullen teruggegeven hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou teruggeven
jijzou teruggeven
hijzou teruggeven
wijzouden teruggeven
julliezouden teruggeven
zijzouden teruggeven

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou teruggegeven hebben
jijzou teruggegeven hebben
hijzou teruggegeven hebben
wijzouden teruggegeven hebben
julliezouden teruggegeven hebben
zijzouden teruggegeven hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijgeef terug

Translations

  • return, to give something back to its original holder or owner
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    restitueren
    retourneren, terugbetalen

    Sample Sentences

    • [...] voor den overtogt hooren, gaf mij 20 dukaten voor de huid van den luipaard, 40 voor die van den leeuw, welke ik in de boot had gehad, en zorgde, dat al wat ik aan boord gebragt had, mij stipt werd teruggegeven. Wat ik verkoopen wilde, kocht hij; zoo als den flesschenkelder; twee van mijne geweren, en een gedeelte van den klomp was, want van het overige had ik kaarsen gemaakt. In een woord, ik maakte [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] twee voorwaarden. Vooreerst, dat zoolang gij hier op het eiland vertoeft, gij op geenerlei gezag hier aanspraak maakt, en dat zoo ik u wapens ter hand stel, gij die bij alle gelegenheden, mij zult teruggeven, en mij noch het mijne op dit eiland eenige schade toebrengen, en middelerwijl mijne bevelen gehoorzamen. " Ten tweede, dat als het schip hernomen mogt worden, gij mij en mijne goederen, zonder [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] en twee derden aan het Augustijner klooster zouden toevallen, voor de armen en tot uitbreiding van het Christendom onder de Indianen. Zoo ik of iemand van mijnentwege echter opkwam, zou het mij teruggegeven worden, hoewel de jaarlijksche opbrengst niet, als zijnde tot werken van liefdadigheid besteed, maar hij verzekerde mij, dat de opzigter der koninklijke inkomsten van landerijen, en die van het [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] moidores, en vroeg om pen en inkt, om er hem kwitantie van te geven, daarop gaf ik hem het overige terug, en zeide, dat zoo ik ooit in het bezit der plantaadje geraakte, ik ook het overige hem zou teruggeven, gelijk ik ook naderhand deed; dat ik zijn bewijs van aandeel in zijn zoons schip volstrekt niet wilde aannemen, daar ik begreep, dat zoo ik geldgebrek had, hij braaf genoeg was om mij te betalen; [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From terug (“back”) + geven (“to give”).

    Additional Information