eten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of eten

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: eten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: etend
Past participle - Verleden deelwoord: gegeten

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikeet
jijeet
hijeet
wijeten
jullieeten
zijeten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gegeten
jijhebt gegeten
hijheeft gegeten
wijhebben gegeten
julliehebben gegeten
zijhebben gegeten

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikat
jijat
hijat
wijaten
jullieaten
zijaten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gegeten
jijhad gegeten
hijhad gegeten
wijhadden gegeten
julliehadden gegeten
zijhadden gegeten

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal eten
jijzult eten
hijzal eten
wijzullen eten
julliezullen eten
zijzullen eten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gegeten hebben
jijzult gegeten hebben
hijzal gegeten hebben
wijzullen gegeten hebben
julliezullen gegeten hebben
zijzullen gegeten hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou eten
jijzou eten
hijzou eten
wijzouden eten
julliezouden eten
zijzouden eten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gegeten hebben
jijzou gegeten hebben
hijzou gegeten hebben
wijzouden gegeten hebben
julliezouden gegeten hebben
zijzouden gegeten hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijeet

Verbs conjugated like 'eten'

eten,

Verbs similar to 'eten'

eren, heten, meten, weten, baten, beven, boeten, delen, deren, doen,

Translations

  • eat, eat a meal
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    nuttigen
    peuzelen, schransen, schrokken, vreten
    gebruiken
    verbruiken

    Sample Sentences

    • [...] keeren. Mijn voorkomen geviel dezen man, en daar hij van mij hoorde, dat ik verlangde de wereld te zien, zeide hij, dat, zoo ik met hem wilde gaan, het mij niets kosten zou; ik kon aan zijne tafel eten, en zoo ik eenige koopwaren wilde medenemen, die zoo voordeelig mogelijk trachten te verkoopen; misschien met zoo veel winst, dat dit mij voor liet vervolg aanmoediging gaf. (Robinson Crusoe)
    • [...] een paar man, om de zeilen te hanteren. Deze boot voerde een latijn- of driehoekig zeil, en de giek liep over de tent, waarin hij met een paar slaven zitten en slapen kon, en een tafel had om aan te eten en eenige kastjes, om eenige flesschen drank, benevens rijst, brood en koffij te bewaren. (Robinson Crusoe)
    • [...] brengen zou. Ik vroeg hem waarom hij gaan en niet liever in de boot blijven wilde. Hij antwoordde mij met eene genegenheid, die mij hem voor altijd deed liefhebben: " Als de wildemans komen, zij mij eten en gij heengaan. " (Robinson Crusoe)
    • — " Neen Xury, " zeide ik, " wij zullen beide gaan, en als de wilden komen zullen wij hen doodschieten en zij ons geen van beiden eten. " Vervolgens gaf ik Xury een stuk beschuit en een borrel, en wij haalden de boot zoo digt naar den wal als wij konden, en waadden daarop naar het strand, met niets dan onze wapenen en twee kruiken [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] mijn geweer verschrikt, zwom naar den wal en vloog naar het gebergte, vanwaar het gekomen was. De verte belette mij te zien welk dier het was. Ik bemerkte spoedig dat de Negers het luipaardenvleesch eten, en wilde het dus als eene gunst van mij geven. Toen ik hun door teekens te kennen gaf, dat zij hem nemen zouden, waren zij er zeer dankbaar voor. Ofschoon zij geen messen hadden, vilden zij hem met [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] welke soort van plaats ik was, en wat mij thans te doen stond. Spoedig ontdekte ik, dat ik eene vreesselijke bevrijding had gedaan, want ik was nat, had geene andere drooge kleederen, noch iets te eten of te drinken. Ik zag ook geen ander vooruitzigt dan om van honger te sterven, of door wilde beesten verscheurd te worden. Wat mij tevens niet weinig neêrslagtig maakte, was, dat ik geen wapen had [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] wat beschadigd en wat goed gebleven was, gelijk men wel gelooven zal. Ik vond, dat al de provisie droog en goed gebleven was, en daar ik uitgehongerd was, vulde ik mijne zakken met beschuit, en at die op, terwijl ik naar andere dingen rondzag, want ik had geen tijd te verliezen. Ik vond ook wat rum in de groote kajuit, en nam eene goede teug, die ik wel noodig had, om mij kracht te geven tot [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] wierp ik haar een stuk beschuit toe, waarmede ik echter niet zeer mild was, want mijn voorraad was niet groot. Echter gaf ik haar een stukje, gelijk ik zeide, en zij ging er naar toe, berook het, en at het op, en scheen naar meer te verlangen; maar ik bedankte er voor en kon niet meer missen, dus ging zij heen. (Robinson Crusoe)
    • [...] wegdroeg, volgde het jong mij tot aan mijne heining. Ik legde daar de oude neder, nam het jong in mijne armen en droeg het over de palissaden, in de hoop van het tam te maken; maar het wilde niet eten, dus was ik gedwongen het te dooden en het zelf te eten. Deze twee geiten voorzagen mij voor langen tijd van vleesch; want ik at matig, en spaarde mijne eetwaren (vooral mijn brood ), [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] daar de oude neder, nam het jong in mijne armen en droeg het over de palissaden, in de hoop van het tam te maken; maar het wilde niet eten, dus was ik gedwongen het te dooden en het zelf te eten. Deze twee geiten voorzagen mij voor langen tijd van vleesch; want ik at matig, en spaarde mijne eetwaren (vooral mijn brood ), zooveel ik bij mogelijkheid kon. (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch ēten, from Old Dutch etan, from Proto-West Germanic *etan, from Proto-Germanic *etaną, from Proto-Indo-European *h₁édti. See: Proto-Germanic '*etaną', Proto-Indo-European '*h₁édti'.

    Verbs referencing "eten"

    German, Pennsylvania esse, Afrikaans eet, Low Saxon eten, German, old spelling essen, Luxembourgish iessen, Alemannic German ässe, Cimbrian èzzan.

    Additional Information