wijten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of wijten

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: wijten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: wijtend
Past participle - Verleden deelwoord: geweten

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikwijt
jijwijt
hijwijt
wijwijten
julliewijten
zijwijten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geweten
jijhebt geweten
hijheeft geweten
wijhebben geweten
julliehebben geweten
zijhebben geweten

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikweet
jijweet
hijweet
wijweten
jullieweten
zijweten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geweten
jijhad geweten
hijhad geweten
wijhadden geweten
julliehadden geweten
zijhadden geweten

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal wijten
jijzult wijten
hijzal wijten
wijzullen wijten
julliezullen wijten
zijzullen wijten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geweten hebben
jijzult geweten hebben
hijzal geweten hebben
wijzullen geweten hebben
julliezullen geweten hebben
zijzullen geweten hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou wijten
jijzou wijten
hijzou wijten
wijzouden wijten
julliezouden wijten
zijzouden wijten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geweten hebben
jijzou geweten hebben
hijzou geweten hebben
wijzouden geweten hebben
julliezouden geweten hebben
zijzouden geweten hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijwijt

Translations

  • ascribe, attribute a cause or characteristic
  • blame, place blame upon
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    aanrekenen
    toeschrijven

    Sample Sentences

    • [...] voedsel op te sporen, bij hoog water, ten einde altijd gereed te zijn als het afgeloopen was. Ik had thans rondhouten, planken en ijzerwerk genoeg bijeen, om eene goede boot te bouwen, als ik maar geweten had, hoe; ook had ik op verschillende tijden bijkans honderd pond van de rol lood afgehaald. (Robinson Crusoe)
    • [...] of gaas. Maanden lang wist ik niet wat hieraan te doen; ik had geen ander linnen dan eenige lappen. Ik had wel geitenhaar, maar wist niet hoe dit gesponnen of geweven moest worden, en al had ik het geweten, dan had ik er geen gereedschap toe. Eindelijk echter bedacht ik, dat ik onder de matrozenkleederen, die ik uit het schip gered had, eenige neteldoeksche halsdoeken had. Van deze maakte ik drie [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] koelte begon te waaijen. Ik was thans op een vreesselijken afstand van het eiland, en als er mistig weder was opgekomen, was ik ook verloren geweest, want ik had geen kompas aan boord, en zou nooit geweten hebben hoe ik naar het eiland had moeten sturen, als ik het eens uit het gezigt had verloren, maar daar het weder helder bleef, zette ik mijn mast weder op en mijn zeil bij, en hield zoo veel [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] Ik wilde liefst niet vuren, opdat de anderen het niet zouden hooren; schoon dat op dien afstand niet gemakkelijk zou geweest zijn, en daar zij buiten het gezigt van den rook waren, toch niet zouden geweten hebben wat er van te maken. Toen ik dezen nedergeveld had, bleef de ander als verschrikt staan, en ik trad naar hem toe, maar naderbij gekomen bespeurde ik, dat hij een boog en pijlen had, en op mij [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch witen, from Old Dutch wītan, from Proto-West Germanic *wītan, from Proto-Germanic *wītaną. See: Middle Dutch 'witen', Proto-Germanic '*wītaną'.

    Additional Information