uitgraven – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of uitgraven

The word "uitgraven" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: uitgraven
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: uitgravend
Past participle - Verleden deelwoord: uitgegraafd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikgraaf uit
jijgraaft uit
hijgraaft uit
wijgraven uit
julliegraven uit
zijgraven uit

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb uitgegraafd
jijhebt uitgegraafd
hijheeft uitgegraafd
wijhebben uitgegraafd
julliehebben uitgegraafd
zijhebben uitgegraafd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikgraafde uit
jijgraafde uit
hijgraafde uit
wijgraafden uit
julliegraafden uit
zijgraafden uit

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad uitgegraafd
jijhad uitgegraafd
hijhad uitgegraafd
wijhadden uitgegraafd
julliehadden uitgegraafd
zijhadden uitgegraafd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal uitgraven
jijzult uitgraven
hijzal uitgraven
wijzullen uitgraven
julliezullen uitgraven
zijzullen uitgraven

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal uitgegraafd hebben
jijzult uitgegraafd hebben
hijzal uitgegraafd hebben
wijzullen uitgegraafd hebben
julliezullen uitgegraafd hebben
zijzullen uitgegraafd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou uitgraven
jijzou uitgraven
hijzou uitgraven
wijzouden uitgraven
julliezouden uitgraven
zijzouden uitgraven

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou uitgegraafd hebben
jijzou uitgegraafd hebben
hijzou uitgegraafd hebben
wijzouden uitgegraafd hebben
julliezouden uitgegraafd hebben
zijzouden uitgegraafd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijgraaf uit

Verbs conjugated like 'uitgraven'

aandraven, aaneenkleven, aanschaven, afroven, afschaven, afsloven, beleven, beloven, beroven, beschaven, beven, dichtreven, doven, draven, geloven, kleven, kloven, laven, leven, loven, etc. (List truncated at 20 verbs)

Verbs similar to 'uitgraven'

Translations

  • excavate, to uncover (something) by digging
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From uit + graven. Cognate with German ausgraben. See: German, old spelling 'ausgraben'.

    Verbs referencing "uitgraven"

    German, old spelling ausgraben.

    Additional Information