doorgeven – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of doorgeven

The word "doorgeven" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: doorgeven
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: doorgevend
Past participle - Verleden deelwoord: doorgeefd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikgeef door
jijgeeft door
hijgeeft door
wijgeven door
julliegeven door
zijgeven door

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb doorgeefd
jijhebt doorgeefd
hijheeft doorgeefd
wijhebben doorgeefd
julliehebben doorgeefd
zijhebben doorgeefd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikgeefde door
jijgeefde door
hijgeefde door
wijgeefden door
julliegeefden door
zijgeefden door

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad doorgeefd
jijhad doorgeefd
hijhad doorgeefd
wijhadden doorgeefd
julliehadden doorgeefd
zijhadden doorgeefd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal doorgeven
jijzult doorgeven
hijzal doorgeven
wijzullen doorgeven
julliezullen doorgeven
zijzullen doorgeven

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal doorgeefd hebben
jijzult doorgeefd hebben
hijzal doorgeefd hebben
wijzullen doorgeefd hebben
julliezullen doorgeefd hebben
zijzullen doorgeefd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou doorgeven
jijzou doorgeven
hijzou doorgeven
wijzouden doorgeven
julliezouden doorgeven
zijzouden doorgeven

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou doorgeefd hebben
jijzou doorgeefd hebben
hijzou doorgeefd hebben
wijzouden doorgeefd hebben
julliezouden doorgeefd hebben
zijzouden doorgeefd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijgeef door

Verbs conjugated like 'doorgeven'

aandraven, aaneenkleven, aanschaven, afroven, afschaven, afsloven, beleven, beloven, beroven, beschaven, beven, dichtreven, doven, draven, geloven, kleven, kloven, laven, leven, loven, etc. (List truncated at 20 verbs)

Verbs similar to 'doorgeven'

Translations

  • bequeath, to hand down; to transmit
  • relay, to pass on or transfer (information)
  • ship, to pass from one person to another
  • transmit, to send or convey from someone, some place or something to another
  • transmit, to spread or pass on e.g. a disease or signal
  • transmit, to impart, convey or hand down something by inheritance or heredity
  • transmit, to communicate news or information
  • transmit, to convey energy or force through a mechanism
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From door + geven.

    Additional Information