Nominal Forms
Infinitive - Onbepaalde wijs: aandoen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: aandoend
Past participle - Verleden deelwoord: aangedaan
Cognates
-
Indicative - Aantonende wijs
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]
| ik | doe aan |
| jij | doet aan |
| hij | doet aan |
| wij | doen aan |
| jullie | doen aan |
| zij | doen aan |
Present Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]
| ik | heb aangedaan |
| jij | hebt aangedaan |
| hij | heeft aangedaan |
| wij | hebben aangedaan |
| jullie | hebben aangedaan |
| zij | hebben aangedaan |
Past
Onvoltooid verleden tijd [o v t]
| ik | deed aan |
| jij | deed aan |
| hij | deed aan |
| wij | deden aan |
| jullie | deden aan |
| zij | deden aan |
Past Perfect
Voltooid verleden tijd [v v t]
| ik | had aangedaan |
| jij | had aangedaan |
| hij | had aangedaan |
| wij | hadden aangedaan |
| jullie | hadden aangedaan |
| zij | hadden aangedaan |
Future
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]
| ik | zal aandoen |
| jij | zult aandoen |
| hij | zal aandoen |
| wij | zullen aandoen |
| jullie | zullen aandoen |
| zij | zullen aandoen |
Future Perfect
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]
| ik | zal aangedaan hebben |
| jij | zult aangedaan hebben |
| hij | zal aangedaan hebben |
| wij | zullen aangedaan hebben |
| jullie | zullen aangedaan hebben |
| zij | zullen aangedaan hebben |
Conditional
Imperfect
Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]
| ik | zou aandoen |
| jij | zou aandoen |
| hij | zou aandoen |
| wij | zouden aandoen |
| jullie | zouden aandoen |
| zij | zouden aandoen |
Perfect
Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]
| ik | zou aangedaan hebben |
| jij | zou aangedaan hebben |
| hij | zou aangedaan hebben |
| wij | zouden aangedaan hebben |
| jullie | zouden aangedaan hebben |
| zij | zouden aangedaan hebben |
Imperative - Gebiedende wijs
Verbs similar to 'aandoen'
aanhogen,
aankomen,
aanzien,
landen,
aaien,
aanberen,
aanbidden,
aanboegen,
aanboeken,
aanbollen,
Translations
Sample Sentences
-
[...] hem over het gelaat stroomden, vooral toen hij van mijn gesneuvelden broeder sprak; en toen hij van mijn berouw in later tijd gewaagde, en dat mij alsdan niemand zou te hulp komen, was hij zoo aangedaan, dat hij het gesprek afbrak, en mij verklaarde, dat zijn hart te vol was en hij niet meer spreken kon.
(Robinson Crusoe)
-
[...] dat ik op een deel des eilands was geworpen waar de wilden nimmer kwamen. Zoo ik hier vroeger gekomen was, had ik ingezien, dat de kanoes, die wat ver in zee geraakt waren, dit eiland dikwijls aandeden, om daar te overnachten. Ook na in hunne kanoes gevochten en gevangenen gemaakt te hebben, bragten zij die volgens hunne gewoonte hierheen, om ze te slagten en op te eten, daar het allen hier [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] weinig die rampzaligen aan te vallen, dat ik in al dien tijd geene enkele maal den heuvel opklom, om te zien of er ook eenigen in het gezigt waren, of te weten, of zij al of niet het eiland hadden aangedaan; ten einde niet in verzoeking te geraken mijne vroegere middelen te bezigen, of door eenig voordeel tot een aanval op hen verlokt te worden. Echter haalde ik mijne boot van de andere zijde van het [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] melken mijner geiten en het nazien mijner kudde in het bosch, die als geheel aan de andere zijde van het eiland, buiten alle gevaar was; want het was zeker, dat de wilden, die somtijds het eiland aandeden, er nimmer iets dachten te vinden, en dus nooit het strand verlieten. Ik twijfel niet of zij waren er verscheidene malen, nadat ik hun spoor ontdekt had, geweest; en ik huiverde bij de gedachte wat [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] door mijne bemiddeling hunne kleederen en kisten gevoegd had, waarvoor zij zeer dankbaar waren. Ik moedigde hen wat aan door de verzekering, dat als ik eenig vaartuig ontmoette dat het eiland kon aandoen en hen innemen, ik hen niet vergeten zou.
(Robinson Crusoe)
Etymology
From aan + doen.
Additional Information