schroeven – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of schroeven

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: schroeven
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: schroevend
Past participle - Verleden deelwoord: geschroefd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikschroef
jijschroeft
hijschroeft
wijschroeven
jullieschroeven
zijschroeven

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geschroefd
jijhebt geschroefd
hijheeft geschroefd
wijhebben geschroefd
julliehebben geschroefd
zijhebben geschroefd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikschroefde
jijschroefde
hijschroefde
wijschroefden
jullieschroefden
zijschroefden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geschroefd
jijhad geschroefd
hijhad geschroefd
wijhadden geschroefd
julliehadden geschroefd
zijhadden geschroefd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal schroeven
jijzult schroeven
hijzal schroeven
wijzullen schroeven
julliezullen schroeven
zijzullen schroeven

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geschroefd hebben
jijzult geschroefd hebben
hijzal geschroefd hebben
wijzullen geschroefd hebben
julliezullen geschroefd hebben
zijzullen geschroefd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou schroeven
jijzou schroeven
hijzou schroeven
wijzouden schroeven
julliezouden schroeven
zijzouden schroeven

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geschroefd hebben
jijzou geschroefd hebben
hijzou geschroefd hebben
wijzouden geschroefd hebben
julliezouden geschroefd hebben
zijzouden geschroefd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijschroef

Translations

  • screw, to connect or assemble pieces using a screw
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    bevestigen
    vastschroeven, vastzetten
    klemmen
    vastklemmen

    Antonyms

    bevestigen
    losmaken

    Sample Sentences

    Etymology

    Additional Information