Nominal Forms
Infinitive - Onbepaalde wijs: krijgen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: krijgend
Past participle - Verleden deelwoord: gekregen
Indicative - Aantonende wijs
Present
Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]
| ik | krijg |
| jij | krijgt |
| hij | krijgt |
| wij | krijgen |
| jullie | krijgen |
| zij | krijgen |
Present Perfect
Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]
| ik | heb gekregen |
| jij | hebt gekregen |
| hij | heeft gekregen |
| wij | hebben gekregen |
| jullie | hebben gekregen |
| zij | hebben gekregen |
Past
Onvoltooid verleden tijd [o v t]
| ik | kreeg |
| jij | kreeg |
| hij | kreeg |
| wij | kregen |
| jullie | kregen |
| zij | kregen |
Past Perfect
Voltooid verleden tijd [v v t]
| ik | had gekregen |
| jij | had gekregen |
| hij | had gekregen |
| wij | hadden gekregen |
| jullie | hadden gekregen |
| zij | hadden gekregen |
Future
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]
| ik | zal krijgen |
| jij | zult krijgen |
| hij | zal krijgen |
| wij | zullen krijgen |
| jullie | zullen krijgen |
| zij | zullen krijgen |
Future Perfect
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]
| ik | zal gekregen hebben |
| jij | zult gekregen hebben |
| hij | zal gekregen hebben |
| wij | zullen gekregen hebben |
| jullie | zullen gekregen hebben |
| zij | zullen gekregen hebben |
Conditional
Imperfect
Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]
| ik | zou krijgen |
| jij | zou krijgen |
| hij | zou krijgen |
| wij | zouden krijgen |
| jullie | zouden krijgen |
| zij | zouden krijgen |
Perfect
Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]
| ik | zou gekregen hebben |
| jij | zou gekregen hebben |
| hij | zou gekregen hebben |
| wij | zouden gekregen hebben |
| jullie | zouden gekregen hebben |
| zij | zouden gekregen hebben |
Imperative - Gebiedende wijs
Verbs conjugated like 'krijgen'
aaneenrijgen,
aanglijden,
aankijken,
aanrijden,
aanrijgen,
aanschrijden,
aansnijden,
aanstijgen,
aanstrijken,
achternarijden,
achteromkijken,
achteruitrijden,
afkijken,
afkrijgen,
afrijden,
afrijgen,
afsnijden,
afstijgen,
afwijken,
begrijpen, etc. (List truncated at 20 verbs)
Verbs similar to 'krijgen'
krijsen,
krijten,
rijgen,
afkrijgen,
afrijgen,
drijven,
dringen,
grijpen,
hijgen,
kijken,
Translations
catch, to contract a disease or illness
conceive, to develop an idea
dent, develop a dent
gestate, to develop an idea
get, to receive
have, give birth to
leaf, to produce leaves
receive, to receive
receive, to take what is offered, accept from another
Synonyms & Antonyms
Sample Sentences
-
[...] de wind zoo hevig, dat alle man aan het werk moest om de stengen te strijken, ten einde den wind zoo weinig vat als mogelijk te laten. Tegen den middag ging de zee vreesselijk hoog, ons schip kreeg verscheidene stortzeeën over, en eens of twee malen dachten wij dat het anker te huis kwam, zoodat de schipper besloot het plegtanker te laten vallen, waarop wij met twee ankers vooruit lagen en met [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] Ik nam dadelijk het tweede geweer en juist toen hij heen wilde gaan, trof ik hem in den kop, en had het genoegen hem in stuiptrekkingen te zien neerzijgen, terwijl hij weinig geluid meer gaf. Toen kreeg Xury weder moed en wilde, dat ik hem aan wal liet gaan.
(Robinson Crusoe)
-
[...] ik, als ik er verlof toe bekomen kon, mij daar te vestigen, en even als zij, een planter te worden; terwijl ik tevens op middelen zon, om mijn geld, dat ik te Londen had, aan mij overgemaakt te krijgen. Te dien einde verschafte ik mij eene soort van brieven van naturalisatie, kocht zoo veel onbebouwd land als ik betalen kon, en maakte een plan tot eene plantaadje, geëvenredigd naar het kapitaal, [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] en de kapitein opmerkte, dat de wind begon te gaan liggen. Maar al bedaarde de wind ook, dan bleef onze toestand toch vreesselijk. Ons schip zat zoo vast, dat wij niet hopen konden het weder vlot te krijgen, en wij moesten slechts denken, het lijf er af te brengen. Wij hadden de boot aan den spiegel hangen toen de storm begon, maar zij was eerst tegen het roer beschadigd en vervolgens door de zeeën [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] van gezigt en reuk, en zoo snel ter been waren, dat het allermoeijelijkst was, haar te bereiken. Ik werd hierdoor echter geenszins ontmoedigd, niet twijfelende of ik zou er weldra een onder schot krijgen, gelijk ook spoedig het geval was. Want, nadat ik eenigzins hare gewone verblijfplaatsen op het spoor was gekomen, ging ik op haar loeren. Ik had bemerkt, dat, als zij mij in het dal zagen, al waren [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] zou ik weinig erfgenamen hebben, maar wel om mijne gedachten, die daar dagelijks op gevestigd waren en mijn geest neêrdrukten, lucht te geven, en dewijl de rede thans bij mij de overhand begon te krijgen, begon ik mij te troosten zoo goed ik kon en plaatste het goede tegenover het kwade, om mijn toestand van een nog ergeren te onderscheiden. Ik stelde dan zeer onpartijdig, als debiteur en crediteur, [...]
(Robinson Crusoe)
-
[...] September. Na aan wal gekomen en voor verdrinken bewaard te zijn, in stede van toen God voor mijne bevrijding te danken, ontlastte ik eerst mijne maag van al het zeewater, dat ik in menigte binnen gekregen had, en eenigzins hersteld zijnde, liep ik langs het strand, mijne handen wringende, mij tegen het voorhoofd slaande, over mijne ellende jammerende, en uitroepende: " Ik ben verloren ! ik ben [...]
(Robinson Crusoe)
-
Ik werkte deze drie of vier maanden uiterst hard, om mijn muur gereed te krijgen, en den 14 April sloot ik dien geheel, en ging naar buiten, niet door eene deur, maar over eene ladder, ten einde er aan de buitenzijde geen spoor van mogt overblijven.
(Robinson Crusoe)
-
[...] zeer goed, toen ik plotseling weder in gevaar kwam alles te verliezen, door verschillende vijanden, die ik moeijelijk kon afweren, als eerstelijk de geiten, en de beesten, die ik hazen noemde, kregen smaak in de graanhalmen, en aten het op zoodra het uitschoot, zoodat het geen airen kon schieten.
(Robinson Crusoe)
-
Alstoen begon ik wat moed te scheppen en weder uit te gaan. Drie dagen en drie nachten had ik mijn kasteel niet verlaten, zoodat ik reeds gebrek aan levensmiddelen begon te krijgen. want ik had niets bij mij, dan eenige gebakken koeken en wat water. Ook wist ik, dat mijne geiten gemolken moesten worden, dat gewoonlijk mijn avonduitspanning was, en de arme dieren moesten er [...]
(Robinson Crusoe)
Etymology
From Middle Dutch crigen, from Old Dutch *crīgan, from Proto-West Germanic *krīgan. Cognate to German kriegen (“to get”). See: Middle Dutch '
crigen', German, old spelling '
kriegen'.
Verbs referencing "krijgen"
German, old spelling
kriegen, Low Saxon kriegen, Luxembourgish
kréien, Afrikaans
kry.
Additional Information