krijgen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of krijgen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: krijgen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: krijgend
Past participle - Verleden deelwoord: gekregen

Cognates

See the 2 cognates of krijgen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikkrijg
jijkrijgt
hijkrijgt
wijkrijgen
julliekrijgen
zijkrijgen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gekregen
jijhebt gekregen
hijheeft gekregen
wijhebben gekregen
julliehebben gekregen
zijhebben gekregen

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikkreeg
jijkreeg
hijkreeg
wijkregen
julliekregen
zijkregen

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gekregen
jijhad gekregen
hijhad gekregen
wijhadden gekregen
julliehadden gekregen
zijhadden gekregen

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal krijgen
jijzult krijgen
hijzal krijgen
wijzullen krijgen
julliezullen krijgen
zijzullen krijgen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gekregen hebben
jijzult gekregen hebben
hijzal gekregen hebben
wijzullen gekregen hebben
julliezullen gekregen hebben
zijzullen gekregen hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou krijgen
jijzou krijgen
hijzou krijgen
wijzouden krijgen
julliezouden krijgen
zijzouden krijgen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gekregen hebben
jijzou gekregen hebben
hijzou gekregen hebben
wijzouden gekregen hebben
julliezouden gekregen hebben
zijzouden gekregen hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijkrijg

Translations

  • catch, to contract a disease or illness
  • conceive, to develop an idea
  • dent, develop a dent
  • gestate, to develop an idea
  • get, to receive
  • have, give birth to
  • leaf, to produce leaves
  • receive, to receive
  • receive, to take what is offered, accept from another
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    • [...] de wind zoo hevig, dat alle man aan het werk moest om de stengen te strijken, ten einde den wind zoo weinig vat als mogelijk te laten. Tegen den middag ging de zee vreesselijk hoog, ons schip kreeg verscheidene stortzeeën over, en eens of twee malen dachten wij dat het anker te huis kwam, zoodat de schipper besloot het plegtanker te laten vallen, waarop wij met twee ankers vooruit lagen en met [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] Ik nam dadelijk het tweede geweer en juist toen hij heen wilde gaan, trof ik hem in den kop, en had het genoegen hem in stuiptrekkingen te zien neerzijgen, terwijl hij weinig geluid meer gaf. Toen kreeg Xury weder moed en wilde, dat ik hem aan wal liet gaan. (Robinson Crusoe)
    • [...] ik, als ik er verlof toe bekomen kon, mij daar te vestigen, en even als zij, een planter te worden; terwijl ik tevens op middelen zon, om mijn geld, dat ik te Londen had, aan mij overgemaakt te krijgen. Te dien einde verschafte ik mij eene soort van brieven van naturalisatie, kocht zoo veel onbebouwd land als ik betalen kon, en maakte een plan tot eene plantaadje, geëvenredigd naar het kapitaal, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] en de kapitein opmerkte, dat de wind begon te gaan liggen. Maar al bedaarde de wind ook, dan bleef onze toestand toch vreesselijk. Ons schip zat zoo vast, dat wij niet hopen konden het weder vlot te krijgen, en wij moesten slechts denken, het lijf er af te brengen. Wij hadden de boot aan den spiegel hangen toen de storm begon, maar zij was eerst tegen het roer beschadigd en vervolgens door de zeeën [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] van gezigt en reuk, en zoo snel ter been waren, dat het allermoeijelijkst was, haar te bereiken. Ik werd hierdoor echter geenszins ontmoedigd, niet twijfelende of ik zou er weldra een onder schot krijgen, gelijk ook spoedig het geval was. Want, nadat ik eenigzins hare gewone verblijfplaatsen op het spoor was gekomen, ging ik op haar loeren. Ik had bemerkt, dat, als zij mij in het dal zagen, al waren [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] zou ik weinig erfgenamen hebben, maar wel om mijne gedachten, die daar dagelijks op gevestigd waren en mijn geest neêrdrukten, lucht te geven, en dewijl de rede thans bij mij de overhand begon te krijgen, begon ik mij te troosten zoo goed ik kon en plaatste het goede tegenover het kwade, om mijn toestand van een nog ergeren te onderscheiden. Ik stelde dan zeer onpartijdig, als debiteur en crediteur, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] September. Na aan wal gekomen en voor verdrinken bewaard te zijn, in stede van toen God voor mijne bevrijding te danken, ontlastte ik eerst mijne maag van al het zeewater, dat ik in menigte binnen gekregen had, en eenigzins hersteld zijnde, liep ik langs het strand, mijne handen wringende, mij tegen het voorhoofd slaande, over mijne ellende jammerende, en uitroepende: " Ik ben verloren ! ik ben [...] (Robinson Crusoe)
    • Ik werkte deze drie of vier maanden uiterst hard, om mijn muur gereed te krijgen, en den 14 April sloot ik dien geheel, en ging naar buiten, niet door eene deur, maar over eene ladder, ten einde er aan de buitenzijde geen spoor van mogt overblijven. (Robinson Crusoe)
    • [...] zeer goed, toen ik plotseling weder in gevaar kwam alles te verliezen, door verschillende vijanden, die ik moeijelijk kon afweren, als eerstelijk de geiten, en de beesten, die ik hazen noemde, kregen smaak in de graanhalmen, en aten het op zoodra het uitschoot, zoodat het geen airen kon schieten. (Robinson Crusoe)
    • Alstoen begon ik wat moed te scheppen en weder uit te gaan. Drie dagen en drie nachten had ik mijn kasteel niet verlaten, zoodat ik reeds gebrek aan levensmiddelen begon te krijgen. want ik had niets bij mij, dan eenige gebakken koeken en wat water. Ook wist ik, dat mijne geiten gemolken moesten worden, dat gewoonlijk mijn avonduitspanning was, en de arme dieren moesten er [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch crigen, from Old Dutch *crīgan, from Proto-West Germanic *krīgan. Cognate to German kriegen (“to get”). See: Middle Dutch 'crigen', German, old spelling 'kriegen'.

    Verbs referencing "krijgen"

    German, old spelling kriegen, Low Saxon kriegen, Luxembourgish kréien, Afrikaans kry.

    Additional Information