uiteengaan – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of uiteengaan

The word "uiteengaan" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: uiteengaan
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: uiteengaand
Past participle - Verleden deelwoord: uiteengegaan

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikga uiteen
jijgaat uiteen
hijgaat uiteen
wijgaan uiteen
julliegaan uiteen
zijgaan uiteen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb uiteengegaan
jijhebt uiteengegaan
hijheeft uiteengegaan
wijhebben uiteengegaan
julliehebben uiteengegaan
zijhebben uiteengegaan

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikging uiteen
jijging uiteen
hijging uiteen
wijgingen uiteen
julliegingen uiteen
zijgingen uiteen

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad uiteengegaan
jijhad uiteengegaan
hijhad uiteengegaan
wijhadden uiteengegaan
julliehadden uiteengegaan
zijhadden uiteengegaan

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal uiteengaan
jijzult uiteengaan
hijzal uiteengaan
wijzullen uiteengaan
julliezullen uiteengaan
zijzullen uiteengaan

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal uiteengegaan hebben
jijzult uiteengegaan hebben
hijzal uiteengegaan hebben
wijzullen uiteengegaan hebben
julliezullen uiteengegaan hebben
zijzullen uiteengegaan hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou uiteengaan
jijzou uiteengaan
hijzou uiteengaan
wijzouden uiteengaan
julliezouden uiteengaan
zijzouden uiteengaan

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou uiteengegaan hebben
jijzou uiteengegaan hebben
hijzou uiteengegaan hebben
wijzouden uiteengegaan hebben
julliezouden uiteengegaan hebben
zijzouden uiteengegaan hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijga uiteen

Verbs conjugated like 'uiteengaan'

aangaan, achtergaan, achternagaan, achteruitgaan, afgaan, begaan, doorgaan, gaan, heengaan, ingaan, nagaan, omgaan, ondergaan, ontgaan, opgaan, overgaan, rondgaan, toegaan, uitgaan, vergaan, etc. (List truncated at 20 verbs)

Verbs similar to 'uiteengaan'

Translations

  • scatter, to disperse
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    Additional Information