verzaken – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verzaken

The word "verzaken" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verzaken
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verzakend
Past participle - Verleden deelwoord: verzaakt

Cognates

See the 5 cognates of verzaken

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverzaak
jijverzaakt
hijverzaakt
wijverzaken
jullieverzaken
zijverzaken

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verzaakt
jijhebt verzaakt
hijheeft verzaakt
wijhebben verzaakt
julliehebben verzaakt
zijhebben verzaakt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverzaakte
jijverzaakte
hijverzaakte
wijverzaakten
jullieverzaakten
zijverzaakten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verzaakt
jijhad verzaakt
hijhad verzaakt
wijhadden verzaakt
julliehadden verzaakt
zijhadden verzaakt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verzaken
jijzult verzaken
hijzal verzaken
wijzullen verzaken
julliezullen verzaken
zijzullen verzaken

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verzaakt hebben
jijzult verzaakt hebben
hijzal verzaakt hebben
wijzullen verzaakt hebben
julliezullen verzaakt hebben
zijzullen verzaakt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verzaken
jijzou verzaken
hijzou verzaken
wijzouden verzaken
julliezouden verzaken
zijzouden verzaken

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verzaakt hebben
jijzou verzaakt hebben
hijzou verzaakt hebben
wijzouden verzaakt hebben
julliezouden verzaakt hebben
zijzouden verzaakt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverzaak

Verbs similar to 'verzaken'

Translations

  • abandon, to leave behind or desert; to forsake
  • abjure, to renounce with solemnity
  • abnegate, to reject, to deny
  • forsake, to abandon, to give up, to leave (permanently), to renounce (someone or something)
  • neglect, failure due to carelessness
  • relinquish, to give up, abandon
  • renege, card games: fail to follow suit when capable
  • renounce, fail to follow suit for not having it
  • revoke, cardgames: to fail to follow suit when one should
  • waive, to relinquish; to give up claim to
  • waive, to put aside, avoid
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch versāken, from Old Dutch farsacan, from Proto-West Germanic *frasakan (“to forsake, renounce”). Compare English forsake, Norwegian forsake, Danish forsage and Swedish försaka.

    Verbs referencing "verzaken"

    English forsake.

    Additional Information