vernieuwen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of vernieuwen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: vernieuwen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: vernieuwend
Past participle - Verleden deelwoord: vernieuwd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikvernieuw
jijvernieuwt
hijvernieuwt
wijvernieuwen
jullievernieuwen
zijvernieuwen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb vernieuwd
jijhebt vernieuwd
hijheeft vernieuwd
wijhebben vernieuwd
julliehebben vernieuwd
zijhebben vernieuwd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikvernieuwde
jijvernieuwde
hijvernieuwde
wijvernieuwden
jullievernieuwden
zijvernieuwden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad vernieuwd
jijhad vernieuwd
hijhad vernieuwd
wijhadden vernieuwd
julliehadden vernieuwd
zijhadden vernieuwd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal vernieuwen
jijzult vernieuwen
hijzal vernieuwen
wijzullen vernieuwen
julliezullen vernieuwen
zijzullen vernieuwen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal vernieuwd hebben
jijzult vernieuwd hebben
hijzal vernieuwd hebben
wijzullen vernieuwd hebben
julliezullen vernieuwd hebben
zijzullen vernieuwd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou vernieuwen
jijzou vernieuwen
hijzou vernieuwen
wijzouden vernieuwen
julliezouden vernieuwen
zijzouden vernieuwen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou vernieuwd hebben
jijzou vernieuwd hebben
hijzou vernieuwd hebben
wijzouden vernieuwd hebben
julliezouden vernieuwd hebben
zijzouden vernieuwd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijvernieuw

Translations

  • innovate, to introduce something new
  • renew, to make new again
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    opknappen
    moderniseren, verfraaien
    restaureren
    opknappen
    verversen
    vervangen
    verwisselen
    omruilen, vervangen

    Sample Sentences

    • Na onze oude kennis met hartelijkheid vernieuwd te hebben, vroeg ik, gelijk men wel denken kan, naar mijne plantaadje en mijn compagnon. De oude man verhaalde mij, dat hij thans in geen negen jaren in Brazilië was geweest, maar hij kon mij [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From nieuw + ver- -en.

    Additional Information