uitrusten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of uitrusten

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: uitrusten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: uitrustend
Past participle - Verleden deelwoord: uitgerust

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikrust uit
jijrust uit
hijrust uit
wijrusten uit
jullierusten uit
zijrusten uit

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb uitgerust
jijhebt uitgerust
hijheeft uitgerust
wijhebben uitgerust
julliehebben uitgerust
zijhebben uitgerust

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikrustte uit
jijrustte uit
hijrustte uit
wijrustten uit
jullierustten uit
zijrustten uit

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad uitgerust
jijhad uitgerust
hijhad uitgerust
wijhadden uitgerust
julliehadden uitgerust
zijhadden uitgerust

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal uitrusten
jijzult uitrusten
hijzal uitrusten
wijzullen uitrusten
julliezullen uitrusten
zijzullen uitrusten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal uitgerust hebben
jijzult uitgerust hebben
hijzal uitgerust hebben
wijzullen uitgerust hebben
julliezullen uitgerust hebben
zijzullen uitgerust hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou uitrusten
jijzou uitrusten
hijzou uitrusten
wijzouden uitrusten
julliezouden uitrusten
zijzouden uitrusten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou uitgerust hebben
jijzou uitgerust hebben
hijzou uitgerust hebben
wijzouden uitgerust hebben
julliezouden uitgerust hebben
zijzouden uitgerust hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijrust uit

Translations

  • equip, to supply with something necessary in order to carry out a specific action or task
  • tool, to equip with tools
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    ontspannen
    relaxen, rusten, uitpuffen
    equiperen
    outilleren, provianderen, toerusten, voorzien

    Sample Sentences

    • Maar ik werd door mijne verbeelding weggesleept, en gehoorzaamde deze blindelings, zonder naar mijn verstand te luisteren. Toen dus het schip uitgerust, de lading gereed en alles met mijne medereeders geschikt was, ging ik wederom te kwader ure, scheep, den 1sten September 1659, denzelfden dag waarop ik acht jaren geleden, mijne ouders te Hull [...] (Robinson Crusoe)
    • Ik klom over de heining, en ging in de schaduw uitrusten, waar ik, want ik was zeer vermoeid, weldra in slaap viel. Maar oordeel, zoo gij kunt, lezer, over mijne verrassing, toen ik uit mijnen slaap wakker gemaakt werd, door eene stem, die mij [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] strooming liep. Alle dagen werd dit verlangen sterker, en eindelijk besloot ik te land daarheen te trekken, en ik deed dit langs het strand. Maar zoo iemand in Engeland een mensch ontmoet had, zoo uitgerust als ik, zou hij doodelijk verschrikt, of in lagchen uitgebarsten zijn. Ik lachte dikwijls als ik mij zelf bezag, en dacht hoe men zou opzien als ik zoo eens door Yorkshire trok. Luister slechts hoe [...] (Robinson Crusoe)
    • Doch dit is in het voorbijgaan, ik werd door niemand gezien, en sloeg er dus ook weinig acht op hoe ik er uitzag. Ik zal dus hierover in het vervolg zwijgen. Aldus uitgerust ging ik op reis, en bleef vijf of zes dagen uit. Ik trok eerst het strand langs, regt naar de plaats waar ik met mijne boot geankerd had, om op de klippen te klimmen, en daar ik nu voor geene boot [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] die ieder met twee patronen en vijf kogels, en op mijne twee pistolen deed ik ook twee kogels op ieder. Volgens gewoonte hing ik mijne groote sabel op zijde en gaf Vrijdag zijne bijl. Na ons aldus uitgerust te hebben, nam ik mijn kijker en klom den heuvel op, om te zien wat ik ontdekken kon. Weldra bemerkte ik, dat er eenentwintig wilden waren, drie gevangenen en drie kanoes; en dat hunne geheele [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] met kruid en lood te dragen. Ik gelastte hem digt achter mij te blijven, en niet vooruit te gaan, noch te schieten noch iets te doen buiten mijn orders, en tevens geen enkel woord te spreken. Aldus uitgerust, maakte ik een omweg van bijkans eene (Eng. ) mijl, zoo wel om de kreek over te trekken als om in het bosch te komen; opdat ik hen binnen bereik van mijn schot mogt bekomen, zonder dat zij mij [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From uit + rusten (“to rest”).

    Additional Information