twisten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of twisten

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: twisten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: twistend
Past participle - Verleden deelwoord: getwist

Cognates

See the 4 cognates of twisten

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

iktwist
jijtwist
hijtwist
wijtwisten
jullietwisten
zijtwisten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb getwist
jijhebt getwist
hijheeft getwist
wijhebben getwist
julliehebben getwist
zijhebben getwist

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

iktwistte
jijtwistte
hijtwistte
wijtwistten
jullietwistten
zijtwistten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad getwist
jijhad getwist
hijhad getwist
wijhadden getwist
julliehadden getwist
zijhadden getwist

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal twisten
jijzult twisten
hijzal twisten
wijzullen twisten
julliezullen twisten
zijzullen twisten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal getwist hebben
jijzult getwist hebben
hijzal getwist hebben
wijzullen getwist hebben
julliezullen getwist hebben
zijzullen getwist hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou twisten
jijzou twisten
hijzou twisten
wijzouden twisten
julliezouden twisten
zijzouden twisten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou getwist hebben
jijzou getwist hebben
hijzou getwist hebben
wijzouden getwist hebben
julliezouden getwist hebben
zijzouden getwist hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijtwist

Translations

  • quarrel, to argue strongly, contend, squabble
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    bakkeleien
    harrewarren, kijven, krakelen, ruziën, strijden
    disputeren
    redekavelen, redetwisten

    Sample Sentences

    • [...] wanneer ik werkelijk door hen aangevallen werd, en zoo voorts; toch kon ik mij met het denkbeeld van zoo veel menschenbloed te vergieten, niet vereenigen. Eindelijk echter, na lang met mij zelven getwist en op twee gedachten gehinkt te hebben, behield het verlangen naar mijne bevrijding de overhand, en ik besloot, mij van een dier wilden meester te maken, het kostte wat het wilde. Nu was de vraag [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch twisten. Equivalent to twist + -en.

    Verbs referencing "twisten"

    English twist, Danish tviste.

    Additional Information