overzien – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of overzien

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: overzien
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: overziend
Past participle - Verleden deelwoord: overzien; overgezien

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikoverzie; zie over
jijoverziet; ziet over
hijoverziet; ziet over
wijoverzien; zien over
jullieoverzien; zien over
zijoverzien; zien over

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb overzien; overgezien
jijhebt overzien; overgezien
hijheeft overzien; overgezien
wijhebben overzien; overgezien
julliehebben overzien; overgezien
zijhebben overzien; overgezien

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikoverzag; zag over
jijoverzag; zag over
hijoverzag; zag over
wijoverzagen; zagen over
jullieoverzagen; zagen over
zijoverzagen; zagen over

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad overzien; overgezien
jijhad overzien; overgezien
hijhad overzien; overgezien
wijhadden overzien; overgezien
julliehadden overzien; overgezien
zijhadden overzien; overgezien

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal overzien
jijzult overzien
hijzal overzien
wijzullen overzien
julliezullen overzien
zijzullen overzien

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal overzien; overgezien hebben
jijzult overzien; overgezien hebben
hijzal overzien; overgezien hebben
wijzullen overzien; overgezien hebben
julliezullen overzien; overgezien hebben
zijzullen overzien; overgezien hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou overzien
jijzou overzien
hijzou overzien
wijzouden overzien
julliezouden overzien
zijzouden overzien

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou overzien; overgezien hebben
jijzou overzien; overgezien hebben
hijzou overzien; overgezien hebben
wijzouden overzien; overgezien hebben
julliezouden overzien; overgezien hebben
zijzouden overzien; overgezien hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijoverzie; zie over

Translations

  • oversee, to survey, look at something in a wide angle
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    • [...] of onbewoond land, met of zonder wilde dieren. Geene mijl van mij af was een heuvel, die zeer steil en hoog opliep, en mij toescheen eene reeks van heuvelen, die noordwaarts zich uitstrekten, te overzien. Ik nam een der jagtgeweren, eene pistool en een kruidhoorn, en aldus gewapend ging ik naar den top des heuvels op ontdekking uit. Toen ik dien met veel moeite en arbeid bereikt had, zag ik dadelijk [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] land scheen zoo frisch, zoo bloeijend, zoo groen, daar alles in het lentegroen stond, dat het naar een beplanten lusttuin geleek. Ik daalde een weinig naar de zijde van die bekoorlijke vallei af, en overzag het met een heimelijk genoegen (schoon er ook treurige denkbeelden bij mij opwelden ) als ik bedacht, dat dit alles mijn eigendom was; dat ik buiten alle tegenspraak koning en heer van dit geheele [...] (Robinson Crusoe)
    • Ik sloeg een anderen weg in om huiswaarts te keeren, denkende dat ik gemakkelijk het geheele eiland zou kunnen overzien, en mijn weg niet missen; maar hierin vergiste ik mij, want toen ik een half uur afgelegd had, bevond ik mij in een diep dal, dat door heuvels met geboomte bezet, omringd was, zoodat ik mijn weg [...] (Robinson Crusoe)
    • Na mijne boot goed vastgelegd te hebben, nam ik mijn geweer en stapte aan land, waar ik op een heuvel klom, van welken ik dacht die kaap te kunnen overzien, en waar ik hare geheele uitgestrektheid waarnam, en besloot het te wagen. Toen ik van den heuvel, waarop ik stond, de zee overzag, bespeurde ik eene sterke, ja eene allergeweldigste [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] op een heuvel klom, van welken ik dacht die kaap te kunnen overzien, en waar ik hare geheele uitgestrektheid waarnam, en besloot het te wagen. Toen ik van den heuvel, waarop ik stond, de zee overzag, bespeurde ik eene sterke, ja eene allergeweldigste strooming, die oostelijk liep, en zelfs digt langs het rif heen; en ik nam dit te naauwkeuriger op, omdat ik inzag dat er eenig gevaar bestond, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] langs een anderen weg naar binnen gedreven te worden, met de stroomingen. Naauwelijks kwam dit denkbeeld bij mij op, of ik sloeg mijn oog op een heuvel, vanwaar ik de zee aan weerszijden voldoende overzien kon, en waar ik een duidelijk gezigt van de stroomingen had, en hoe ik op mijn terugreis sturen moest. Ik vond, dat de strooming van de eb digt langs de zuidelijke punt van het eiland heen liep, [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From over- + zien.

    Additional Information