ontvrienden – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of ontvrienden

The word "ontvrienden" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: ontvrienden
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: ontvriendend
Past participle - Verleden deelwoord: ontvriend

Cognates

See the 2 cognates of ontvrienden

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikontvriend
jijontvriendt
hijontvriendt
wijontvrienden
jullieontvrienden
zijontvrienden

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb ontvriend
jijhebt ontvriend
hijheeft ontvriend
wijhebben ontvriend
julliehebben ontvriend
zijhebben ontvriend

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikontvriendde
jijontvriendde
hijontvriendde
wijontvriendden
jullieontvriendden
zijontvriendden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad ontvriend
jijhad ontvriend
hijhad ontvriend
wijhadden ontvriend
julliehadden ontvriend
zijhadden ontvriend

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal ontvrienden
jijzult ontvrienden
hijzal ontvrienden
wijzullen ontvrienden
julliezullen ontvrienden
zijzullen ontvrienden

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal ontvriend hebben
jijzult ontvriend hebben
hijzal ontvriend hebben
wijzullen ontvriend hebben
julliezullen ontvriend hebben
zijzullen ontvriend hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou ontvrienden
jijzou ontvrienden
hijzou ontvrienden
wijzouden ontvrienden
julliezouden ontvrienden
zijzouden ontvrienden

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou ontvriend hebben
jijzou ontvriend hebben
hijzou ontvriend hebben
wijzouden ontvriend hebben
julliezouden ontvriend hebben
zijzouden ontvriend hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijontvriend

Verbs similar to 'ontvrienden'

Translations

  • unfriend, to remove from one's friends list
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From vriend (“friend”) + ont- -en (privative verb-forming circumfix); calque of English unfriend. See: English 'unfriend'.

    Verbs referencing "ontvrienden"

    English unfriend.

    Additional Information