groeien – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of groeien

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: groeien
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: groeiend
Past participle - Verleden deelwoord: gegroeid

Cognates

See the 7 cognates of groeien

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikgroei
jijgroeit
hijgroeit
wijgroeien
julliegroeien
zijgroeien

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikben gegroeid
jijbent gegroeid
hijis gegroeid
wijzijn gegroeid
julliezijn gegroeid
zijzijn gegroeid

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikgroeide
jijgroeide
hijgroeide
wijgroeiden
julliegroeiden
zijgroeiden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikwas gegroeid
jijwas gegroeid
hijwas gegroeid
wijwaren gegroeid
julliewaren gegroeid
zijwaren gegroeid

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal groeien
jijzult groeien
hijzal groeien
wijzullen groeien
julliezullen groeien
zijzullen groeien

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gegroeid zijn
jijzult gegroeid zijn
hijzal gegroeid zijn
wijzullen gegroeid zijn
julliezullen gegroeid zijn
zijzullen gegroeid zijn

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou groeien
jijzou groeien
hijzou groeien
wijzouden groeien
julliezouden groeien
zijzouden groeien

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gegroeid zijn
jijzou gegroeid zijn
hijzou gegroeid zijn
wijzouden gegroeid zijn
julliezouden gegroeid zijn
zijzouden gegroeid zijn

Imperative - Gebiedende wijs

jijgroei

Translations

  • accrue, increase
  • grow, (''intransitive'') to become bigger
  • grow, (''intransitive'') to appear or sprout
  • increase, increase
  • increase, become larger
  • up, increase
  • wax, literary: grow
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    gedijen
    tieren
    omhooggaan
    stijgen, toenemen

    Sample Sentences

    • Terwijl dit koorn groeide deed ik eene kleine ontdekking, die mij naderhand van nut was. Zoodra de regens over waren en het weder bestendig begon te worden, hetgeen tegen November was, ging ik landwaarts in, mijn [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] van deze in een halven cirkel een heining te maken rondom mijn oud verblijf, gelijk ik deed, en ik plaatste de takken in eene dubbele rij op ongeveer acht ellen afstands van mijn eerste heining; zij groeiden welig op, en waren eerst eene fraaije beschutting en naderhand zelfs eene verdediging voor mijne woning, gelijk ik later verhalen zal. (Robinson Crusoe)
    • [...] zaad op twee groote vlakke stukken gronds, zoo digt bij mijn huis als ik die vinden kon. Ik maakte er eene goede heining om, van stekken gelijk ik er te voren om gezet had, en die ik wist dat goed groeiden, zoodat ik rekenen kon binnen het jaar eene goede heining te hebben, die slechts weinig herstelling zou behoeven. Hoezeer dit werk niet zwaar was, gingen er echter drie maanden mede heen, omdat het [...] (Robinson Crusoe)
    • Maar toen ik dit gedaan had, kon ik haar evenmin verwrikken, of er onder komen, laat staan haar te water brengen; dus moest ik dit opgeven; schoon ik echter alle hoop op de boot varen liet, groeide mijne begeerte, om naar het vaste land over te steken, steeds aan, naar gelang de middelen daartoe onmogelijker schenen. (Robinson Crusoe)
    • Hier groeiden ook mijne druiven, die mij mijn voorraad van rozijnen voor den winter leverden; en die ik allerzorgvuldigst bewaarde als mijne aangenaamste spijs. Zij waren niet alleen lekker, maar allergezondst, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] gegeven. Ik had ook verscheidene tamme zeevogels, wier naam ik niet kende, die ik op het strand gevangen en gekortwiekt had. De stekken, die ik om mijn muur geplant had, waren nu tot een digt bosch gegroeid, en daarin leefden en nestelden zij, hetgeen mij zeer aangenaam was. Aldus leefde ik zeer tevreden, behalve dat ik steeds door vrees voor de wilden geplaagd werd. Doch het was anders besloten, en [...] (Robinson Crusoe)
    • Doch ik was hiermede niet tevreden, mijn moed en mijne nieuwsgierigheid groeiden thans te gelijk aan; dus nam ik mijn slaaf Vrijdag mede, gaf hem eene sabel in de hand, terwijl hij een boog en pijlen, in welker behandeling ik bevond, dat hij zeer bedreven was, op den rug, en in [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] verbaasd over mijne verschansingen, en hoe volkomen ik mijn verblijf had verborgen door eene reeks van boomen, die daar zij nu omstreeks twintig jaren gestaan hadden, en het hout hier veel sneller groeide dan in Engeland, een klein bosch en zoo digt was geworden, dat het overal ondoordringbaar was geworden, behalve op die plaats waar een smal kronkelend pad liep. Ik verhaalde hem, dat dit mijn [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch groeyen, from Old Dutch gruoien, from Proto-Germanic *grōaną, from Proto-Indo-European *gʰreh₁- (“to grow, become green”). Cognate with English grow. See: Proto-Germanic '*grōaną'.

    Verbs referencing "groeien"

    English grow, Old English growan.

    Additional Information