beleiden – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of beleiden

The word "beleiden" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: beleiden
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: beleidend
Past participle - Verleden deelwoord: beleid

Cognates

See the 2 cognates of beleiden

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbeleid
jijbeleidt
hijbeleidt
wijbeleiden
julliebeleiden
zijbeleiden

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb beleid
jijhebt beleid
hijheeft beleid
wijhebben beleid
julliehebben beleid
zijhebben beleid

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbeleidde
jijbeleidde
hijbeleidde
wijbeleidden
julliebeleidden
zijbeleidden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad beleid
jijhad beleid
hijhad beleid
wijhadden beleid
julliehadden beleid
zijhadden beleid

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal beleiden
jijzult beleiden
hijzal beleiden
wijzullen beleiden
julliezullen beleiden
zijzullen beleiden

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal beleid hebben
jijzult beleid hebben
hijzal beleid hebben
wijzullen beleid hebben
julliezullen beleid hebben
zijzullen beleid hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou beleiden
jijzou beleiden
hijzou beleiden
wijzouden beleiden
julliezouden beleiden
zijzouden beleiden

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou beleid hebben
jijzou beleid hebben
hijzou beleid hebben
wijzouden beleid hebben
julliezouden beleid hebben
zijzouden beleid hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbeleid

Verbs similar to 'beleiden'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Verbs referencing "beleiden"

English belead.

Additional Information