slachtofferen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of slachtofferen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: slachtofferen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: slachtofferend
Past participle - Verleden deelwoord: geslachtofferd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikslachtoffer
jijslachtoffert
hijslachtoffert
wijslachtofferen
jullieslachtofferen
zijslachtofferen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geslachtofferd
jijhebt geslachtofferd
hijheeft geslachtofferd
wijhebben geslachtofferd
julliehebben geslachtofferd
zijhebben geslachtofferd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikslachtofferde
jijslachtofferde
hijslachtofferde
wijslachtofferden
jullieslachtofferden
zijslachtofferden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geslachtofferd
jijhad geslachtofferd
hijhad geslachtofferd
wijhadden geslachtofferd
julliehadden geslachtofferd
zijhadden geslachtofferd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal slachtofferen
jijzult slachtofferen
hijzal slachtofferen
wijzullen slachtofferen
julliezullen slachtofferen
zijzullen slachtofferen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geslachtofferd hebben
jijzult geslachtofferd hebben
hijzal geslachtofferd hebben
wijzullen geslachtofferd hebben
julliezullen geslachtofferd hebben
zijzullen geslachtofferd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou slachtofferen
jijzou slachtofferen
hijzou slachtofferen
wijzouden slachtofferen
julliezouden slachtofferen
zijzouden slachtofferen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geslachtofferd hebben
jijzou geslachtofferd hebben
hijzou geslachtofferd hebben
wijzouden geslachtofferd hebben
julliezouden geslachtofferd hebben
zijzouden geslachtofferd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijslachtoffer

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Additional Information