concerneren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of concerneren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: concerneren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: concernerend
Past participle - Verleden deelwoord: geconcerneerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikconcerneer
jijconcerneert
hijconcerneert
wijconcerneren
jullieconcerneren
zijconcerneren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geconcerneerd
jijhebt geconcerneerd
hijheeft geconcerneerd
wijhebben geconcerneerd
julliehebben geconcerneerd
zijhebben geconcerneerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikconcerneerde
jijconcerneerde
hijconcerneerde
wijconcerneerden
jullieconcerneerden
zijconcerneerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geconcerneerd
jijhad geconcerneerd
hijhad geconcerneerd
wijhadden geconcerneerd
julliehadden geconcerneerd
zijhadden geconcerneerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal concerneren
jijzult concerneren
hijzal concerneren
wijzullen concerneren
julliezullen concerneren
zijzullen concerneren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geconcerneerd hebben
jijzult geconcerneerd hebben
hijzal geconcerneerd hebben
wijzullen geconcerneerd hebben
julliezullen geconcerneerd hebben
zijzullen geconcerneerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou concerneren
jijzou concerneren
hijzou concerneren
wijzouden concerneren
julliezouden concerneren
zijzouden concerneren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geconcerneerd hebben
jijzou geconcerneerd hebben
hijzou geconcerneerd hebben
wijzouden geconcerneerd hebben
julliezouden geconcerneerd hebben
zijzouden geconcerneerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijconcerneer

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Additional Information