bestuderen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of bestuderen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: bestuderen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: bestuderend
Past participle - Verleden deelwoord: bestudeerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbestudeer
jijbestudeert
hijbestudeert
wijbestuderen
julliebestuderen
zijbestuderen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb bestudeerd
jijhebt bestudeerd
hijheeft bestudeerd
wijhebben bestudeerd
julliehebben bestudeerd
zijhebben bestudeerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbestudeerde
jijbestudeerde
hijbestudeerde
wijbestudeerden
julliebestudeerden
zijbestudeerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad bestudeerd
jijhad bestudeerd
hijhad bestudeerd
wijhadden bestudeerd
julliehadden bestudeerd
zijhadden bestudeerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal bestuderen
jijzult bestuderen
hijzal bestuderen
wijzullen bestuderen
julliezullen bestuderen
zijzullen bestuderen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal bestudeerd hebben
jijzult bestudeerd hebben
hijzal bestudeerd hebben
wijzullen bestudeerd hebben
julliezullen bestudeerd hebben
zijzullen bestudeerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou bestuderen
jijzou bestuderen
hijzou bestuderen
wijzouden bestuderen
julliezouden bestuderen
zijzouden bestuderen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou bestudeerd hebben
jijzou bestudeerd hebben
hijzou bestudeerd hebben
wijzouden bestudeerd hebben
julliezouden bestudeerd hebben
zijzouden bestudeerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbestudeer

Translations

  • explore, to examine or investigate something systematically
  • investigate, to inquire into, study
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    analyseren
    onderzoeken, ontleden, uitpluizen, uitvlooien
    doorlichten
    analyseren, checken
    kijken
    gadeslaan
    opnemen
    bekijken
    raadplegen
    naslaan

    Sample Sentences

    Etymology

    From be- + studeren.

    Additional Information