verwisselen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verwisselen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verwisselen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verwisselend
Past participle - Verleden deelwoord: verwisseld

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverwissel
jijverwisselt
hijverwisselt
wijverwisselen
jullieverwisselen
zijverwisselen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verwisseld
jijhebt verwisseld
hijheeft verwisseld
wijhebben verwisseld
julliehebben verwisseld
zijhebben verwisseld

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverwisselde
jijverwisselde
hijverwisselde
wijverwisselden
jullieverwisselden
zijverwisselden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verwisseld
jijhad verwisseld
hijhad verwisseld
wijhadden verwisseld
julliehadden verwisseld
zijhadden verwisseld

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verwisselen
jijzult verwisselen
hijzal verwisselen
wijzullen verwisselen
julliezullen verwisselen
zijzullen verwisselen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verwisseld hebben
jijzult verwisseld hebben
hijzal verwisseld hebben
wijzullen verwisseld hebben
julliezullen verwisseld hebben
zijzullen verwisseld hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verwisselen
jijzou verwisselen
hijzou verwisselen
wijzouden verwisselen
julliezouden verwisselen
zijzouden verwisselen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verwisseld hebben
jijzou verwisseld hebben
hijzou verwisseld hebben
wijzouden verwisseld hebben
julliezouden verwisseld hebben
zijzouden verwisseld hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverwissel

Translations

  • change, to replace
  • confuse, to mix up / muddle up one thing with another; to mistake one thing for another
  • mistake, to take one thing for another
  • transpose, to reverse or change the order of two
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    omruilen
    vernieuwen, vervangen

    Sample Sentences

    • [...] o, hoe behoorden alle menschen te bedenken, dat, zoo zij den toestand, waarin zij zich bevinden, met een veel rampzaliger gelijk stellen, de Hemel hen noodzaken kan hunnen tegenwoordigen daarvoor te verwisselen, en hun vroeger geluk, door de ondervinding te leeren erkennen ! En hoe regtvaardig was het, dat juist dat eenzame leven op een woest eiland mij te beurt viel, mij, die het zoo dikwijls vergeleken [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From ver- + wisselen (“to change”).

    Additional Information