deemoedigen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of deemoedigen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: deemoedigen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: deemoedigend
Past participle - Verleden deelwoord: gedeemoedigd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikdeemoedig
jijdeemoedigt
hijdeemoedigt
wijdeemoedigen
julliedeemoedigen
zijdeemoedigen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gedeemoedigd
jijhebt gedeemoedigd
hijheeft gedeemoedigd
wijhebben gedeemoedigd
julliehebben gedeemoedigd
zijhebben gedeemoedigd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikdeemoedigde
jijdeemoedigde
hijdeemoedigde
wijdeemoedigden
julliedeemoedigden
zijdeemoedigden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gedeemoedigd
jijhad gedeemoedigd
hijhad gedeemoedigd
wijhadden gedeemoedigd
julliehadden gedeemoedigd
zijhadden gedeemoedigd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal deemoedigen
jijzult deemoedigen
hijzal deemoedigen
wijzullen deemoedigen
julliezullen deemoedigen
zijzullen deemoedigen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gedeemoedigd hebben
jijzult gedeemoedigd hebben
hijzal gedeemoedigd hebben
wijzullen gedeemoedigd hebben
julliezullen gedeemoedigd hebben
zijzullen gedeemoedigd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou deemoedigen
jijzou deemoedigen
hijzou deemoedigen
wijzouden deemoedigen
julliezouden deemoedigen
zijzouden deemoedigen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gedeemoedigd hebben
jijzou gedeemoedigd hebben
hijzou gedeemoedigd hebben
wijzouden gedeemoedigd hebben
julliezouden gedeemoedigd hebben
zijzouden gedeemoedigd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijdeemoedig

Translations

  • humble, to make humble or lowly in mind, etc.
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From deemoedig + -en.

    Additional Information