verwarmen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verwarmen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verwarmen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verwarmend
Past participle - Verleden deelwoord: verwarmd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverwarm
jijverwarmt
hijverwarmt
wijverwarmen
jullieverwarmen
zijverwarmen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verwarmd
jijhebt verwarmd
hijheeft verwarmd
wijhebben verwarmd
julliehebben verwarmd
zijhebben verwarmd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverwarmde
jijverwarmde
hijverwarmde
wijverwarmden
jullieverwarmden
zijverwarmden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verwarmd
jijhad verwarmd
hijhad verwarmd
wijhadden verwarmd
julliehadden verwarmd
zijhadden verwarmd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verwarmen
jijzult verwarmen
hijzal verwarmen
wijzullen verwarmen
julliezullen verwarmen
zijzullen verwarmen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verwarmd hebben
jijzult verwarmd hebben
hijzal verwarmd hebben
wijzullen verwarmd hebben
julliezullen verwarmd hebben
zijzullen verwarmd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verwarmen
jijzou verwarmen
hijzou verwarmen
wijzouden verwarmen
julliezouden verwarmen
zijzouden verwarmen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verwarmd hebben
jijzou verwarmd hebben
hijzou verwarmd hebben
wijzouden verwarmd hebben
julliezouden verwarmd hebben
zijzouden verwarmd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverwarm

Translations

  • heat, to cause an increase in temperature of an object or space
  • warm, to make or keep warm
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    • [...] langs zou loopen. Dit ging zoo goed, dat ik een geheel stel kleederen van deze huiden maakte, namelijk eene buis en broek, aan de knieën open en zeer ruim, want zij moesten mij eer koel houden dan verwarmen. Ik moet bekennen, dat zij er jammerlijk uitzagen en dat, ofschoon een slechte timmerman, ik nog tienmaal slechter snijder was. Echter kwamen zij mij zeer goed te stade, en als ik in den regen liep, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] hoofd tegen zijne borst gedrukt, gelijk eene moeder haren zuigeling, een half uur achtereen om hem te koesteren; dan nam hij zijne armen en beenen, die geschaafd en stijf van het binden waren, en verwarmde en wreef die met zijne handen; en ik dit ziende gaf hem wat rum uit mijne flesch om ze te wrijven, hetgeen ze zeer veel goed deed. (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From warm + ver- -en.

    Additional Information