verjagen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verjagen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verjagen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verjagend
Past participle - Verleden deelwoord: verjaagd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverjaag
jijverjaagt
hijverjaagt
wijverjagen
jullieverjagen
zijverjagen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verjaagd
jijhebt verjaagd
hijheeft verjaagd
wijhebben verjaagd
julliehebben verjaagd
zijhebben verjaagd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverjoeg
jijverjoeg
hijverjoeg
wijverjoegen
jullieverjoegen
zijverjoegen

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verjaagd
jijhad verjaagd
hijhad verjaagd
wijhadden verjaagd
julliehadden verjaagd
zijhadden verjaagd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verjagen
jijzult verjagen
hijzal verjagen
wijzullen verjagen
julliezullen verjagen
zijzullen verjagen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verjaagd hebben
jijzult verjaagd hebben
hijzal verjaagd hebben
wijzullen verjaagd hebben
julliezullen verjaagd hebben
zijzullen verjaagd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verjagen
jijzou verjagen
hijzou verjagen
wijzouden verjagen
julliezouden verjagen
zijzouden verjagen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verjaagd hebben
jijzou verjaagd hebben
hijzou verjaagd hebben
wijzouden verjaagd hebben
julliezouden verjaagd hebben
zijzouden verjaagd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverjaag

Verbs conjugated like 'verjagen'

aanjagen, afjagen, jagen, verjagen,

Translations

  • dispel, to drive away by scattering
  • evict, to expel
  • expel, to eject
  • repel, to put off
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    verdrijven
    wegjagen

    Sample Sentences

    • [...] zoo, gelijk ik gezegd heb, dat ik er in den beginne verscheidene van moest dood schieten, ten einde zij niet mij en al wat ik had opvraten; maar toen eindelijk de ouden dood waren, en ik ze gestadig verjoeg en niets binnen haar bereik liet, verwilderden zij en liepen het bosch in, behalve twee of drie, die ik tam hield, en wier jongen ik altijd verdronk. Bovendien had ik altijd twee of drie tamme [...] (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From ver- + jagen.

    Additional Information