stimuleren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of stimuleren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: stimuleren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: stimulerend
Past participle - Verleden deelwoord: gestimuleerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikstimuleer
jijstimuleert
hijstimuleert
wijstimuleren
julliestimuleren
zijstimuleren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gestimuleerd
jijhebt gestimuleerd
hijheeft gestimuleerd
wijhebben gestimuleerd
julliehebben gestimuleerd
zijhebben gestimuleerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikstimuleerde
jijstimuleerde
hijstimuleerde
wijstimuleerden
julliestimuleerden
zijstimuleerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gestimuleerd
jijhad gestimuleerd
hijhad gestimuleerd
wijhadden gestimuleerd
julliehadden gestimuleerd
zijhadden gestimuleerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal stimuleren
jijzult stimuleren
hijzal stimuleren
wijzullen stimuleren
julliezullen stimuleren
zijzullen stimuleren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gestimuleerd hebben
jijzult gestimuleerd hebben
hijzal gestimuleerd hebben
wijzullen gestimuleerd hebben
julliezullen gestimuleerd hebben
zijzullen gestimuleerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou stimuleren
jijzou stimuleren
hijzou stimuleren
wijzouden stimuleren
julliezouden stimuleren
zijzouden stimuleren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gestimuleerd hebben
jijzou gestimuleerd hebben
hijzou gestimuleerd hebben
wijzouden gestimuleerd hebben
julliezouden gestimuleerd hebben
zijzouden gestimuleerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijstimuleer

Translations

  • excite, to arouse or bring out (eg feelings); to stimulate
  • exhilarate, to excite, to thrill
  • goad, to encourage or stimulate
  • stimulate, to encourage into action
  • stimulate, to arouse an organism to functional activity
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    bezielen
    prikkelen, bevorderen

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from Middle French stimuler, from Latin stimulō. See: Latin 'stimulō'.

    Additional Information