porren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of porren

The word "porren" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: porren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: porrend
Past participle - Verleden deelwoord: gepord

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikpor
jijport
hijport
wijporren
jullieporren
zijporren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gepord
jijhebt gepord
hijheeft gepord
wijhebben gepord
julliehebben gepord
zijhebben gepord

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikporde
jijporde
hijporde
wijporden
jullieporden
zijporden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gepord
jijhad gepord
hijhad gepord
wijhadden gepord
julliehadden gepord
zijhadden gepord

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal porren
jijzult porren
hijzal porren
wijzullen porren
julliezullen porren
zijzullen porren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gepord hebben
jijzult gepord hebben
hijzal gepord hebben
wijzullen gepord hebben
julliezullen gepord hebben
zijzullen gepord hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou porren
jijzou porren
hijzou porren
wijzouden porren
julliezouden porren
zijzouden porren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gepord hebben
jijzou gepord hebben
hijzou gepord hebben
wijzouden gepord hebben
julliezouden gepord hebben
zijzouden gepord hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijpor

Verbs similar to 'porren'

Translations

  • finger, to poke
  • jab, to deliver a quick punch
  • nudge, To push against gently, especially in order to gain attention or give a signal
  • poke, to jab with an object such as a finger or a stick
  • prod, to poke
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch porren (“to set oneself in motion”) of unclear origin, possibly of imitative origin, similar to poken (“to poke”). Probably related to Danish purre (“to rouse, poke”). See: Danish 'purre'.

    Verbs referencing "porren"

    Swedish purra, English pore, Danish purre.

    Additional Information