manifesteren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of manifesteren

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: manifesteren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: manifesterend
Past participle - Verleden deelwoord: gemanifesteerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikmanifesteer
jijmanifesteert
hijmanifesteert
wijmanifesteren
julliemanifesteren
zijmanifesteren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gemanifesteerd
jijhebt gemanifesteerd
hijheeft gemanifesteerd
wijhebben gemanifesteerd
julliehebben gemanifesteerd
zijhebben gemanifesteerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikmanifesteerde
jijmanifesteerde
hijmanifesteerde
wijmanifesteerden
julliemanifesteerden
zijmanifesteerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gemanifesteerd
jijhad gemanifesteerd
hijhad gemanifesteerd
wijhadden gemanifesteerd
julliehadden gemanifesteerd
zijhadden gemanifesteerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal manifesteren
jijzult manifesteren
hijzal manifesteren
wijzullen manifesteren
julliezullen manifesteren
zijzullen manifesteren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gemanifesteerd hebben
jijzult gemanifesteerd hebben
hijzal gemanifesteerd hebben
wijzullen gemanifesteerd hebben
julliezullen gemanifesteerd hebben
zijzullen gemanifesteerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou manifesteren
jijzou manifesteren
hijzou manifesteren
wijzouden manifesteren
julliezouden manifesteren
zijzouden manifesteren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gemanifesteerd hebben
jijzou gemanifesteerd hebben
hijzou gemanifesteerd hebben
wijzouden gemanifesteerd hebben
julliezouden gemanifesteerd hebben
zijzouden gemanifesteerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijmanifesteer

Translations

  • manifest, to show plainly; to make to appear distinctly
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    openbaren
    uiten
    uiten
    openbaren

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch manifesteren, from Middle French manifester.

    Additional Information