killen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of killen

The word "killen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: killen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: killend
Past participle - Verleden deelwoord: gekild

Cognates

See the 2 cognates of killen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikkil
jijkilt
hijkilt
wijkillen
julliekillen
zijkillen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gekild
jijhebt gekild
hijheeft gekild
wijhebben gekild
julliehebben gekild
zijhebben gekild

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikkilde
jijkilde
hijkilde
wijkilden
julliekilden
zijkilden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gekild
jijhad gekild
hijhad gekild
wijhadden gekild
julliehadden gekild
zijhadden gekild

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal killen
jijzult killen
hijzal killen
wijzullen killen
julliezullen killen
zijzullen killen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gekild hebben
jijzult gekild hebben
hijzal gekild hebben
wijzullen gekild hebben
julliezullen gekild hebben
zijzullen gekild hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou killen
jijzou killen
hijzou killen
wijzouden killen
julliezouden killen
zijzouden killen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gekild hebben
jijzou gekild hebben
hijzou gekild hebben
wijzouden gekild hebben
julliezouden gekild hebben
zijzouden gekild hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijkil

Verbs similar to 'killen'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Verbs referencing "killen"

English chill.

Additional Information