emanciperen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of emanciperen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: emanciperen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: emanciperend
Past participle - Verleden deelwoord: geëmancipeerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikemancipeer
jijemancipeert
hijemancipeert
wijemanciperen
jullieemanciperen
zijemanciperen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geëmancipeerd
jijhebt geëmancipeerd
hijheeft geëmancipeerd
wijhebben geëmancipeerd
julliehebben geëmancipeerd
zijhebben geëmancipeerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikemancipeerde
jijemancipeerde
hijemancipeerde
wijemancipeerden
jullieemancipeerden
zijemancipeerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geëmancipeerd
jijhad geëmancipeerd
hijhad geëmancipeerd
wijhadden geëmancipeerd
julliehadden geëmancipeerd
zijhadden geëmancipeerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal emanciperen
jijzult emanciperen
hijzal emanciperen
wijzullen emanciperen
julliezullen emanciperen
zijzullen emanciperen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geëmancipeerd hebben
jijzult geëmancipeerd hebben
hijzal geëmancipeerd hebben
wijzullen geëmancipeerd hebben
julliezullen geëmancipeerd hebben
zijzullen geëmancipeerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou emanciperen
jijzou emanciperen
hijzou emanciperen
wijzouden emanciperen
julliezouden emanciperen
zijzouden emanciperen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geëmancipeerd hebben
jijzou geëmancipeerd hebben
hijzou geëmancipeerd hebben
wijzouden geëmancipeerd hebben
julliezouden geëmancipeerd hebben
zijzouden geëmancipeerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijemancipeer

Translations

  • emancipate, To set free from the power of another
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from Latin ēmancipō. Subsequently influenced by Middle French and French émanciper. See: Latin 'ēmancipō', French 'émanciper'.

    Additional Information