overrompelen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of overrompelen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: overrompelen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: overrompelend
Past participle - Verleden deelwoord: overrompeld

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikoverrompel
jijoverrompelt
hijoverrompelt
wijoverrompelen
jullieoverrompelen
zijoverrompelen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb overrompeld
jijhebt overrompeld
hijheeft overrompeld
wijhebben overrompeld
julliehebben overrompeld
zijhebben overrompeld

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikoverrompelde
jijoverrompelde
hijoverrompelde
wijoverrompelden
jullieoverrompelden
zijoverrompelden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad overrompeld
jijhad overrompeld
hijhad overrompeld
wijhadden overrompeld
julliehadden overrompeld
zijhadden overrompeld

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal overrompelen
jijzult overrompelen
hijzal overrompelen
wijzullen overrompelen
julliezullen overrompelen
zijzullen overrompelen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal overrompeld hebben
jijzult overrompeld hebben
hijzal overrompeld hebben
wijzullen overrompeld hebben
julliezullen overrompeld hebben
zijzullen overrompeld hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou overrompelen
jijzou overrompelen
hijzou overrompelen
wijzouden overrompelen
julliezouden overrompelen
zijzouden overrompelen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou overrompeld hebben
jijzou overrompeld hebben
hijzou overrompeld hebben
wijzouden overrompeld hebben
julliezouden overrompeld hebben
zijzouden overrompeld hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijoverrompel

Translations

  • overrun, to infest, swarm over
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    aanranden
    overvallen

    Sample Sentences

    Etymology

    Borrowed from German überrumpeln (16th century). See: German, old spelling 'überrumpeln'.

    Additional Information