verzuren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of verzuren

The word "verzuren" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: verzuren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: verzurend
Past participle - Verleden deelwoord: verzuurd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikverzuur
jijverzuurt
hijverzuurt
wijverzuren
jullieverzuren
zijverzuren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb verzuurd
jijhebt verzuurd
hijheeft verzuurd
wijhebben verzuurd
julliehebben verzuurd
zijhebben verzuurd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikverzuurde
jijverzuurde
hijverzuurde
wijverzuurden
jullieverzuurden
zijverzuurden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad verzuurd
jijhad verzuurd
hijhad verzuurd
wijhadden verzuurd
julliehadden verzuurd
zijhadden verzuurd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal verzuren
jijzult verzuren
hijzal verzuren
wijzullen verzuren
julliezullen verzuren
zijzullen verzuren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal verzuurd hebben
jijzult verzuurd hebben
hijzal verzuurd hebben
wijzullen verzuurd hebben
julliezullen verzuurd hebben
zijzullen verzuurd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou verzuren
jijzou verzuren
hijzou verzuren
wijzouden verzuren
julliezouden verzuren
zijzouden verzuren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou verzuurd hebben
jijzou verzuurd hebben
hijzou verzuurd hebben
wijzouden verzuurd hebben
julliezouden verzuurd hebben
zijzouden verzuurd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijverzuur

Verbs similar to 'verzuren'

Translations

  • acidify, to make something acidic
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From zuur + ver- -en.

    Additional Information