plaveien – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of plaveien

The word "plaveien" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: plaveien
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: plaveiend
Past participle - Verleden deelwoord: geplaveid

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikplavei
jijplaveit
hijplaveit
wijplaveien
jullieplaveien
zijplaveien

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geplaveid
jijhebt geplaveid
hijheeft geplaveid
wijhebben geplaveid
julliehebben geplaveid
zijhebben geplaveid

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikplaveide
jijplaveide
hijplaveide
wijplaveiden
jullieplaveiden
zijplaveiden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geplaveid
jijhad geplaveid
hijhad geplaveid
wijhadden geplaveid
julliehadden geplaveid
zijhadden geplaveid

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal plaveien
jijzult plaveien
hijzal plaveien
wijzullen plaveien
julliezullen plaveien
zijzullen plaveien

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geplaveid hebben
jijzult geplaveid hebben
hijzal geplaveid hebben
wijzullen geplaveid hebben
julliezullen geplaveid hebben
zijzullen geplaveid hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou plaveien
jijzou plaveien
hijzou plaveien
wijzouden plaveien
julliezouden plaveien
zijzouden plaveien

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geplaveid hebben
jijzou geplaveid hebben
hijzou geplaveid hebben
wijzouden geplaveid hebben
julliezouden geplaveid hebben
zijzouden geplaveid hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijplavei

Translations

  • flag, lay down flagstones
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From earlier paveien, altered (possibly influenced by plavuis) from Middle Dutch paveyen, from pavei (“tile”), from Old French [Term?].

    Additional Information