bijbetalen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of bijbetalen

The word "bijbetalen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: bijbetalen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: bijbetalend
Past participle - Verleden deelwoord: bijbetaald

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikbetaal bij
jijbetaalt bij
hijbetaalt bij
wijbetalen bij
julliebetalen bij
zijbetalen bij

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb bijbetaald
jijhebt bijbetaald
hijheeft bijbetaald
wijhebben bijbetaald
julliehebben bijbetaald
zijhebben bijbetaald

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikbetaalde bij
jijbetaalde bij
hijbetaalde bij
wijbetaalden bij
julliebetaalden bij
zijbetaalden bij

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad bijbetaald
jijhad bijbetaald
hijhad bijbetaald
wijhadden bijbetaald
julliehadden bijbetaald
zijhadden bijbetaald

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal bijbetalen
jijzult bijbetalen
hijzal bijbetalen
wijzullen bijbetalen
julliezullen bijbetalen
zijzullen bijbetalen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal bijbetaald hebben
jijzult bijbetaald hebben
hijzal bijbetaald hebben
wijzullen bijbetaald hebben
julliezullen bijbetaald hebben
zijzullen bijbetaald hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou bijbetalen
jijzou bijbetalen
hijzou bijbetalen
wijzouden bijbetalen
julliezouden bijbetalen
zijzouden bijbetalen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou bijbetaald hebben
jijzou bijbetaald hebben
hijzou bijbetaald hebben
wijzouden bijbetaald hebben
julliezouden bijbetaald hebben
zijzouden bijbetaald hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijbetaal bij

Verbs similar to 'bijbetalen'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

From bij- + betalen.

Additional Information