bersten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of bersten

The word "bersten" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: bersten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: berstend
Past participle - Verleden deelwoord: berst

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikberst
jijberst
hijberst
wijbersten
julliebersten
zijbersten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb berst
jijhebt berst
hijheeft berst
wijhebben berst
julliehebben berst
zijhebben berst

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikberstte
jijberstte
hijberstte
wijberstten
jullieberstten
zijberstten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad berst
jijhad berst
hijhad berst
wijhadden berst
julliehadden berst
zijhadden berst

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal bersten
jijzult bersten
hijzal bersten
wijzullen bersten
julliezullen bersten
zijzullen bersten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal berst hebben
jijzult berst hebben
hijzal berst hebben
wijzullen berst hebben
julliezullen berst hebben
zijzullen berst hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou bersten
jijzou bersten
hijzou bersten
wijzouden bersten
julliezouden bersten
zijzouden bersten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou berst hebben
jijzou berst hebben
hijzou berst hebben
wijzouden berst hebben
julliezouden berst hebben
zijzouden berst hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijberst

Verbs similar to 'bersten'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Verbs referencing "bersten"

Old English berstan.

Additional Information