zwempak – Dutch noun declension

Dutch noun forms of zwempak

Noun: zwempak
Gender: Neuter Hyphenation:
Sg.zwempak
Pl.zwempakken

Sample Sentences

  • Kapitein Boyton had dezer dagen, toen hij zich in zijn zwempak in de haven van Boulogne vertoonde, het geluk dat een der toeschouwers in het water viel. [1875 April 22, “Gemengde berichten”, in Arnhemsche Courant, volume 62, number 6546, page 3:]

Etymology

From zwemmen (“to swim”) + pak (“suit”).

Translations