Noun: gelegenheid
Gender: Feminine
Hyphenation:
| Sg. | gelegenheid |
| Pl. | gelegenheden |
Sample Sentences
-
Ik heb nog niet de gelegenheid gehad naar je rapport te kijken. (I have not yet had the opportunity to take a look at your report.)
-
Mijn vaders restaurant is een populaire (uitgaans-)gelegenheid. (My father's restaurant is a popular venue.)
Nouns inflected like gelegenheid
bescheidenheid,
onwetendheid,
omzichtigheid,
mistigheid,
gevechtseenheid,
ontevredenheid,
onachtzaamheid,
onmogelijkheid,
omstandigheid,
boosaardigheid,
hoppigheid,
aanlokkelijkheid,
wendbaarheid,
botheid,
alledaagsheid,
gestrengheid,
gepastheid,
waarachtigheid,
gelegenheid,
saaiheid, etc. (List truncated at 20 nouns)
Etymology
From Middle Dutch gelegenheit. Equivalent to gelegen + -heid.
Translations