wetten – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of wetten

The word "wetten" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: wetten
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: wettend
Past participle - Verleden deelwoord: gewet

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikwet
jijwet
hijwet
wijwetten
julliewetten
zijwetten

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gewet
jijhebt gewet
hijheeft gewet
wijhebben gewet
julliehebben gewet
zijhebben gewet

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikwette
jijwette
hijwette
wijwetten
julliewetten
zijwetten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gewet
jijhad gewet
hijhad gewet
wijhadden gewet
julliehadden gewet
zijhadden gewet

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal wetten
jijzult wetten
hijzal wetten
wijzullen wetten
julliezullen wetten
zijzullen wetten

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gewet hebben
jijzult gewet hebben
hijzal gewet hebben
wijzullen gewet hebben
julliezullen gewet hebben
zijzullen gewet hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou wetten
jijzou wetten
hijzou wetten
wijzouden wetten
julliezouden wetten
zijzouden wetten

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gewet hebben
jijzou gewet hebben
hijzou gewet hebben
wijzouden gewet hebben
julliezouden gewet hebben
zijzouden gewet hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijwet

Verbs similar to 'wetten'

Translations

  • strop, To sharpen with a strop
  • whet, hone or rub on with some substance for the purpose of sharpening
  • whet, stimulate or make more keen
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch wetten, from Old Dutch *wetten, from Proto-West Germanic *hwattjan, from Proto-Germanic *hwatjaną. See: Proto-Germanic '*hwatjaną'.

    Verbs referencing "wetten"

    English whet, Old English hwettan.

    Additional Information