uitleveren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of uitleveren

The word "uitleveren" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: uitleveren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: uitleverend
Past participle - Verleden deelwoord: uitgeleveerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikleveer uit
jijleveert uit
hijleveert uit
wijleveren uit
jullieleveren uit
zijleveren uit

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb uitgeleveerd
jijhebt uitgeleveerd
hijheeft uitgeleveerd
wijhebben uitgeleveerd
julliehebben uitgeleveerd
zijhebben uitgeleveerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikleveerde uit
jijleveerde uit
hijleveerde uit
wijleveerden uit
jullieleveerden uit
zijleveerden uit

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad uitgeleveerd
jijhad uitgeleveerd
hijhad uitgeleveerd
wijhadden uitgeleveerd
julliehadden uitgeleveerd
zijhadden uitgeleveerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal uitleveren
jijzult uitleveren
hijzal uitleveren
wijzullen uitleveren
julliezullen uitleveren
zijzullen uitleveren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal uitgeleveerd hebben
jijzult uitgeleveerd hebben
hijzal uitgeleveerd hebben
wijzullen uitgeleveerd hebben
julliezullen uitgeleveerd hebben
zijzullen uitgeleveerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou uitleveren
jijzou uitleveren
hijzou uitleveren
wijzouden uitleveren
julliezouden uitleveren
zijzouden uitleveren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou uitgeleveerd hebben
jijzou uitgeleveerd hebben
hijzou uitgeleveerd hebben
wijzouden uitgeleveerd hebben
julliezouden uitgeleveerd hebben
zijzouden uitgeleveerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijleveer uit

Verbs similar to 'uitleveren'

Translations

  • extradite, to remove a person from one state to another by legal process
  • ship, to send a parcel or container
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From uit + leveren.

    Additional Information