pompen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of pompen

The word "pompen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: pompen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: pompend
Past participle - Verleden deelwoord: gepompt

Cognates

See the 3 cognates of pompen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikpomp
jijpompt
hijpompt
wijpompen
julliepompen
zijpompen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gepompt
jijhebt gepompt
hijheeft gepompt
wijhebben gepompt
julliehebben gepompt
zijhebben gepompt

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikpompte
jijpompte
hijpompte
wijpompten
julliepompten
zijpompten

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gepompt
jijhad gepompt
hijhad gepompt
wijhadden gepompt
julliehadden gepompt
zijhadden gepompt

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal pompen
jijzult pompen
hijzal pompen
wijzullen pompen
julliezullen pompen
zijzullen pompen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gepompt hebben
jijzult gepompt hebben
hijzal gepompt hebben
wijzullen gepompt hebben
julliezullen gepompt hebben
zijzullen gepompt hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou pompen
jijzou pompen
hijzou pompen
wijzouden pompen
julliezouden pompen
zijzouden pompen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gepompt hebben
jijzou gepompt hebben
hijzou gepompt hebben
wijzouden gepompt hebben
julliezouden gepompt hebben
zijzouden gepompt hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijpomp

Verbs similar to 'pompen'

Translations

  • drill, vulgar: to have sexual intercourse with
  • pump, transitive: to use a pump to move liquid or gas
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From pomp + -en.

    Verbs referencing "pompen"

    English pump.

    Additional Information