kunnen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of kunnen

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: kunnen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: kunnend
Past participle - Verleden deelwoord: gekund

Cognates

See the 7 cognates of kunnen

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikkan
jijkunt
hijkan
wijkunnen
julliekunnen
zijkunnen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gekund
jijhebt gekund
hijheeft gekund
wijhebben gekund
julliehebben gekund
zijhebben gekund

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikkon
jijkon
hijkon
wijkonden
julliekonden
zijkonden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gekund
jijhad gekund
hijhad gekund
wijhadden gekund
julliehadden gekund
zijhadden gekund

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal kunnen
jijzult kunnen
hijzal kunnen
wijzullen kunnen
julliezullen kunnen
zijzullen kunnen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gekund hebben
jijzult gekund hebben
hijzal gekund hebben
wijzullen gekund hebben
julliezullen gekund hebben
zijzullen gekund hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou kunnen
jijzou kunnen
hijzou kunnen
wijzouden kunnen
julliezouden kunnen
zijzouden kunnen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gekund hebben
jijzou gekund hebben
hijzou gekund hebben
wijzouden gekund hebben
julliezouden gekund hebben
zijzouden gekund hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijkan

Verbs conjugated like 'kunnen'

kunnen,

Verbs similar to 'kunnen'

gunnen, kennen, dunken, innen, kronen, kuchen, kuilen, kuiven, kullen, kurken,

Translations

  • can, to be able
  • Synonyms & Antonyms

    Synonyms

    gaan
    lukken, willen
    mogen
    vermogen
    opgaan
    kloppen

    Sample Sentences

    • [...] zoon en tot geenerlei bedrijf opgeleid, terwijl mijn hoofd reeds vroeg met allerlei luchtkasteelen opgevuld was. Mijn vader, die reeds hoog bejaard was, had mij zooveel onderrigt verschaft als hij kon, zoowel door zijne lessen te huis als door mij op eene school te laten gaan. Hij had mij tot een regtsgeleerde bestemd, maar ik dacht alleen aan ter zee te varen; en deze neiging maakte mij zoo doof [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] mij dienaangaande op het nadrukkelijkst. " Welke redenen, " vroeg hij, " behalve de dwaze zucht om de wereld rond te zwerven, drijven u aan uw vaders huis en uw vaderland, waar gij voortgeholpen kunt worden, door uwe vlijt aangenaam leven, en een ruim bestaan kunt erlangen. Alleen menschen, die niets te verliezen hebben of die groote rijkdommen bezitten, mogen zich door gevaarlijke [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] " behalve de dwaze zucht om de wereld rond te zwerven, drijven u aan uw vaders huis en uw vaderland, waar gij voortgeholpen kunt worden, door uwe vlijt aangenaam leven, en een ruim bestaan kunt erlangen. Alleen menschen, die niets te verliezen hebben of die groote rijkdommen bezitten, mogen zich door gevaarlijke middelen rijkdom of beroemdheid verwerven; zulke middelen zijn ver boven u of [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] leven, zich moeten onderwerpen, en te gelijker tijd bevrijd blijft van de weelde, en den hoogmoed, en de afgunst van iedereen, waaraan de grooten blootstaan. " Alleen hieruit, " zeide hij, " kunt gij over het geluk van dezen staat oordeelen, dat dikwijls koningen de treurige gevolgen van hunnen verheven stand hebben betreurd, en gewenscht, dat zij in het midden tusschen grootheid en [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] niet in ellenden zou storten, voor welke de natuur, en de staat waarin ik geboren was, mij behoedden. Hij zeide, dat ik niet noodig had mijn brood te zoeken, dat ik op zijne ondersteuning rekenen kon, en hij zijn best zou doen mij in den staat, dien hij mij zoo aangeprezen had, te stellen. " Zoo gij niet in een onbezorgden toestand geraakt, " zeide hij, " zal het alleen uw eigen schuld en ik er [...] (Robinson Crusoe)
    • Bij dit laatste deel van zijne rede, die inderdaad door de uitkomst volkomen bevestigd werd, schoon mijn vader dit zelf niet vermoeden kon, zag ik dat de tranen hem over het gelaat stroomden, vooral toen hij van mijn gesneuvelden broeder sprak; en toen hij van mijn berouw in later tijd gewaagde, en dat mij alsdan niemand zou te hulp [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] berouw in later tijd gewaagde, en dat mij alsdan niemand zou te hulp komen, was hij zoo aangedaan, dat hij het gesprek afbrak, en mij verklaarde, dat zijn hart te vol was en hij niet meer spreken kon. (Robinson Crusoe)
    • [...] denken, na hetgeen mijn vader mij had voorgehouden, en na de woorden van genegenheid, waarvan hij zich alstoen bediend had. " Wilt gij u overigens volstrekt ongelukkig maken, " zeide zij, " niemand kan het u beletten, maar gij kunt verzekerd zijn, dat wij daarin nimmer zullen toestemmen; wat mij betreft, ik zal nimmer tot uw verderf de hand leenen, en gij zult nimmer kunnen zeggen, [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] voorgehouden, en na de woorden van genegenheid, waarvan hij zich alstoen bediend had. " Wilt gij u overigens volstrekt ongelukkig maken, " zeide zij, " niemand kan het u beletten, maar gij kunt verzekerd zijn, dat wij daarin nimmer zullen toestemmen; wat mij betreft, ik zal nimmer tot uw verderf de hand leenen, en gij zult nimmer kunnen zeggen, dat uwe moeder goedvond wat uw vader [...] (Robinson Crusoe)
    • [...] " niemand kan het u beletten, maar gij kunt verzekerd zijn, dat wij daarin nimmer zullen toestemmen; wat mij betreft, ik zal nimmer tot uw verderf de hand leenen, en gij zult nimmer kunnen zeggen, dat uwe moeder goedvond wat uw vader afgekeurd heeft. " (Robinson Crusoe)

    Etymology

    From Middle Dutch connen, cunnen, from Old Dutch cunnan, from Proto-West Germanic *kunnan, from Proto-Germanic *kunnaną, from Proto-Indo-European *ǵneh₃-. See: Proto-Germanic '*kunnaną'.

    Verbs referencing "kunnen"

    Afrikaans kan, German, Pennsylvania kenne, Low Saxon könen, Luxembourgish kënnen, Alemannic German chöne.

    Additional Information