entertainen – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of entertainen

The word "entertainen" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: entertainen
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: entertainend
Past participle - Verleden deelwoord: geëntertaind

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikentertain
jijentertaint
hijentertaint
wijentertainen
jullieentertainen
zijentertainen

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb geëntertaind
jijhebt geëntertaind
hijheeft geëntertaind
wijhebben geëntertaind
julliehebben geëntertaind
zijhebben geëntertaind

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikentertainde
jijentertainde
hijentertainde
wijentertainden
jullieentertainden
zijentertainden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad geëntertaind
jijhad geëntertaind
hijhad geëntertaind
wijhadden geëntertaind
julliehadden geëntertaind
zijhadden geëntertaind

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal entertainen
jijzult entertainen
hijzal entertainen
wijzullen entertainen
julliezullen entertainen
zijzullen entertainen

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal geëntertaind hebben
jijzult geëntertaind hebben
hijzal geëntertaind hebben
wijzullen geëntertaind hebben
julliezullen geëntertaind hebben
zijzullen geëntertaind hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou entertainen
jijzou entertainen
hijzou entertainen
wijzouden entertainen
julliezouden entertainen
zijzouden entertainen

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou geëntertaind hebben
jijzou geëntertaind hebben
hijzou geëntertaind hebben
wijzouden geëntertaind hebben
julliezouden geëntertaind hebben
zijzouden geëntertaind hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijentertain

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Additional Information