disrupteren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of disrupteren

The word "disrupteren" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: disrupteren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: disrupterend
Past participle - Verleden deelwoord: gedisrupteerd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikdisrupteer
jijdisrupteert
hijdisrupteert
wijdisrupteren
julliedisrupteren
zijdisrupteren

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb gedisrupteerd
jijhebt gedisrupteerd
hijheeft gedisrupteerd
wijhebben gedisrupteerd
julliehebben gedisrupteerd
zijhebben gedisrupteerd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikdisrupteerde
jijdisrupteerde
hijdisrupteerde
wijdisrupteerden
julliedisrupteerden
zijdisrupteerden

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad gedisrupteerd
jijhad gedisrupteerd
hijhad gedisrupteerd
wijhadden gedisrupteerd
julliehadden gedisrupteerd
zijhadden gedisrupteerd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal disrupteren
jijzult disrupteren
hijzal disrupteren
wijzullen disrupteren
julliezullen disrupteren
zijzullen disrupteren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal gedisrupteerd hebben
jijzult gedisrupteerd hebben
hijzal gedisrupteerd hebben
wijzullen gedisrupteerd hebben
julliezullen gedisrupteerd hebben
zijzullen gedisrupteerd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou disrupteren
jijzou disrupteren
hijzou disrupteren
wijzouden disrupteren
julliezouden disrupteren
zijzouden disrupteren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou gedisrupteerd hebben
jijzou gedisrupteerd hebben
hijzou gedisrupteerd hebben
wijzouden gedisrupteerd hebben
julliezouden gedisrupteerd hebben
zijzouden gedisrupteerd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijdisrupteer

Verbs similar to 'disrupteren'

Translations

Synonyms & Antonyms

Sample Sentences

Etymology

Borrowed from English disrupt. Ultimately from Latin disrumpere, from disrumpō. Doublet with disrumperen. See: English 'disrupt'.

Additional Information