afkeuren – Dutch verb conjugation

Dutch verb forms of afkeuren

The word "afkeuren" is not included in the database, but Verbix uses automation to display the inflected forms.

Nominal Forms

Infinitive - Onbepaalde wijs: afkeuren
Present participle - Tegenwoordig deelwoord: afkeurend
Past participle - Verleden deelwoord: afgekeurd

Cognates

-

Indicative - Aantonende wijs

Present

Onvoltooid tegenwoordige tijd [o t t]

ikkeur af
jijkeurt af
hijkeurt af
wijkeuren af
julliekeuren af
zijkeuren af

Present Perfect

Voltooid tegenwoordige tijd [v t t]

ikheb afgekeurd
jijhebt afgekeurd
hijheeft afgekeurd
wijhebben afgekeurd
julliehebben afgekeurd
zijhebben afgekeurd

Past

Onvoltooid verleden tijd [o v t]

ikkeurde af
jijkeurde af
hijkeurde af
wijkeurden af
julliekeurden af
zijkeurden af

Past Perfect

Voltooid verleden tijd [v v t]

ikhad afgekeurd
jijhad afgekeurd
hijhad afgekeurd
wijhadden afgekeurd
julliehadden afgekeurd
zijhadden afgekeurd

Future

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd [o t t t]

ikzal afkeuren
jijzult afkeuren
hijzal afkeuren
wijzullen afkeuren
julliezullen afkeuren
zijzullen afkeuren

Future Perfect

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd [v t t t]

ikzal afgekeurd hebben
jijzult afgekeurd hebben
hijzal afgekeurd hebben
wijzullen afgekeurd hebben
julliezullen afgekeurd hebben
zijzullen afgekeurd hebben

Conditional

Imperfect

Onvoltooid verleden toekomende tijd [o v t t]

ikzou afkeuren
jijzou afkeuren
hijzou afkeuren
wijzouden afkeuren
julliezouden afkeuren
zijzouden afkeuren

Perfect

Voltooid verleden toekomende tijd [v v t t]

ikzou afgekeurd hebben
jijzou afgekeurd hebben
hijzou afgekeurd hebben
wijzouden afgekeurd hebben
julliezouden afgekeurd hebben
zijzouden afgekeurd hebben

Imperative - Gebiedende wijs

jijkeur af

Translations

  • criticize, to find fault
  • denounce, to criticize or speak out against
  • denounce, to proclaim in a threatening manner
  • deprecate, express disapproval of
  • disallow, to reject as invalid, untrue, or improper
  • disapprove, to condemn
  • doom, to condemn
  • proscribe, denounce
  • Synonyms & Antonyms

    Sample Sentences

    Etymology

    From Middle Dutch afcoren. Equivalent to af + keuren.

    Additional Information