Adjective: dagenlang
Indefinite Forms
| masc. & fem. | dagenlange |
| neuter | dagenlang |
Sample Sentences
Adjectives inflected like dagenlang
wintergroen,
bankbreukig,
Noordzeegermaans,
doordeweeks,
eukaryotisch,
favoriet,
schwul,
schier,
Siberisch,
proleptisch,
combinatorisch,
actinisch,
agrarisch,
vijfvoudig,
betoeterd,
hardgekookt,
ondergistend,
bebaard,
oorlogvoerend,
altijdgroen, etc. (List truncated at 20 adjectives)
Etymology
Univerbation of dagen + lang.
Translations